Maker Education. Het beste idee van 2014!

ingekDit is een gastblog van Inge de Wolf, hoogleraar Education Systems bij de School of Business and Economics van de Universiteit Maastricht en Coördinerend Inspecteur Stelseltoezicht en Onderwijsverslag bij de Inspectie van het onderwijs. Onderstaand stuk verscheen eerder in het boek ‘Het Beste Idee van 2014’ en op de site van Uitgeverij de Wereld.

Ik ben samen bezig geweest met programmeren. Ook hebben we een 3D autootje geprint als prototype voor onze spionage auto. Helaas was het autootje nog niet helemaal af toen we naar huis moesten…

Ik ben gaan werken aan een prototype houten fiets. Als mijn fiets het in het klein doet weet ik zeker dat hij het ook in het groot doet. Ik heb precies afgekregen wat ik had willen doen. Ik ben dus SUPER tevreden!

We hadden veel geduld nodig omdat het steeds niet werkte. Uiteindelijk lag het aan de motortjes die in plaats van 360 maar 270 graden konden draaien. Daarom gaan we de volgende keer motortjes ´hacken´. Ik kijk nu al uit naar de volgende bijeenkomst!

Dit zijn uitspraken van enthousiaste leerlingen tijdens FABklas, een vorm van maker education (maakonderwijs). Leerlingen ontwerpen en maken er dingen met 3D-printers en andere apparatuur. Ze gaan aan de slag met een idee en zoeken oplossingen voor problemen. Leraren stimuleren hen om dingen uit te vinden, deze in elkaar te knutselen en nieuwe vaardigheden op te doen. Maker education is een unieke combinatie van spelen en leren, ontwerpen, aanleren van moderne technologie en eigentijdse vormen van kennisdeling. En het beste idee van 2014!

Maker education is uniek omdat het aansluit bij actuele technologische ontwikkelingen. Hiermee komen er dagelijks nieuwe mogelijkheden bij. We staan aan het begin van een grootse beweging van democratische technologie en digitale fabricage die innovatie versterkt en tot grote hervormingen zal leiden. Voorlopers vormen the maker movement, een sterk groeiende beweging met communities via internet (bijv. makerspace.com), virtuele en fysieke makerspaces (fablabs, hackerspaces), maker faires en …maker education.

cover2014Voor leerlingen is maker education motiverend omdat ze dingen maken en ze al spelend eigenaar zijn van hun eigen leerproces. Ze construeren de kennis zelf, werken doelgericht en op hun eigen niveau. Het daagt ze uit en het stimuleert creativiteit, innovatie en ondernemerschap. Daarbij leren ze belangrijke nieuwe vaardigheden, zoals 21st century skills, ontwerpen, programmeren en gebruik van technologie.

Het succes van maker education voedt ook een discussie over het curriculum en de inrichting van ons onderwijs. Waarom krijgen leerlingen vakken die 60 jaar geleden ook gegeven werden en leren ze niet programmeren? Zijn leerlingen gebaat bij een integratie van vakken, zoals bij maker education? En waarom leren we niet in werkplaatsen en laboratoria?

Maker education benut de nieuwe technologische revolutie, motiveert leerlingen en zet ons aan het denken over ons onderwijs. Het is daarmee absoluut het beste idee van 2014!

Inge de Wolf

Surprises!

Dit is een gastblog van Anne-Wil Lucas, kamerlid voor de VVD en voorvechter van Maker Education.

annewil1Al maanden praat ik in de Tweede Kamer over de noodzaak voor Maker Education in het Nederlandse onderwijs. De banen van de toekomst vragen om creativiteit en vindingrijkheid, zodat we met de nieuwste technologie nieuwe producten kunnen maken. Bovendien is leren door te doen en te maken zoveel leuker dan alleen lezen en leren over zaken als zwaartekracht, chemische verbindingen of elektriciteit. Met je eigen handen iets maken maakt gewoon trots! En dingen waar je trots op bent, blijven je bij!

Denk maar aan de surprises voor Sinterklaas. We kunnen eindeloos tegen onze kinderen zeggen dat geven met zo leuk is als krijgen, maar alleen bij hun zelfgemaakte surprise vóélen ze het ook echt.

In huize Lucas wordt al een maand hard gewerkt aan de surprises voor 5 december, die minstens zo belangrijk zijn als de cadeaus. In wisselende coalities zoeken we oplossingen voor praktische problemen. Hoe zorgen we ervoor dat die oude emmer een boomstam wordt? Houdt latexverf eigenlijk wel op plastic? En een rugzak blijkt pas echt op een rugzak te gaan lijken als je de banden watteert. Maar hoe? We klungelen dapper door. We beginnen opnieuw. We combineren onze talenten: mama is beter met de naaimachine, zoonlief kan alles met een rol duct tape…

annewil2Als we dan toch met elkaar discussiëren over onze Sinterklaas-tradities, laten we dan in ieder geval afspreken dat het maken van surprises er in ieder geval verplicht onderdeel van blijft! Omdat we een paar weken per jaar onze creativiteit en vindingrijkheid kunnen bijspijkeren. En omdat het het heerlijk avondje zo ontzettend veel leuker maakt. Trotse makers van prachtige kunstwerken, die hun uiterste best doen zo neutraal mogelijk te kijken als hun werkstuk wordt bewonderd en uitgepakt.

En het mooie is dat (bijna) alles dezelfde avond nog in de container verdwijnt, zodat we volgend jaar weer opnieuw mogen knutselen!

Anne-Wil Lucas
Tweede Kamerlid VVD

Designathon: Ontwerpend leren en maken

Op November 15 j.l. zijn we in Amsterdam, met 30 kinderen ontwerpend en makend aan de slag gegaan. De gelegenheid was ‘The Global Children’s Designathon’ en we werkten er al een aantal maanden naartoe, want niet alleen moest het evenement plaatsvinden in Amsterdam, maar ook in Dublin, Berlijn, Rio de Janeiro en Nairobi, Kenia. En allemaal werkten we met dezelfde thema’s, ontwerpprocessen, gereedschappen en materialen.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=NGT59mLCA28]
(deze video is gemaakt in Amsterdam door Youtech)

Waarom een Designathon?
Misschien goed om eerst even uit te leggen wat een Designathon is: het is geïnspireerd door het woord “hackathon” (dat weer van “marathon” komt). In een Designathon kom je samen met een groep mensen om te ontwerpen en te maken, vaak met de doelstelling om rondom een maatschappelijk thema nieuwe inzichten en mogelijke oplossingen te creëren.

Er waren twee aanleidingen voor dit ‘global children’s designathon‘ initiatief: Als eerste wordt er, zo vinden wij, in het huidige onderwijs veel te weinig aandacht besteed aan ontwerpende en technische vaardigheden voor kinderen. Deze zullen ze nodig hebben om om te kunnen gaan met onze toenemend complexe en technologische maatschappij. En ten tweede: het gangbare beeld van kinderen is dat hun ideeën en betrokkenheid pas relevant worden als ze boven de 18 zijn. Wij observeren echter dat kinderen al zeer betrokken zijn bij de maatschappij en haar uitdagingen en dat hun nog niet ingekaderde verbeeldingsvermogen nieuwe perspectieven kan bieden voor die uitdagingen.

Ontwerpend Leren
Het klinkt misschien geheimzinnig allemaal, designathons en ontwerpen, maar een ontwerpproces is in essentie niet veel meer dan een manier om een probleem te bekijken met wat creativiteit en je gezond verstand. De stappen in hetcproces zijn ongeveer als volgt, eerst kies je een probleem dat je belangrijk vindt, dan ga je na wat je al over het vraagstuk weet, dan zoek je informatie en inspiratie erbij. Je gaat dan ideeën bedenken om het probleem op te lossen, en vervolgens ga je iets maken om uit te proberen wat je bedacht hebt. En wat is nou fijner dan ideeën mogen bedenken en dingen leren maken rondom een vraagstuk dat je prikkelt?

Het Designathon process
We begonnen om 10 uur ’s ochtend en waren om 16.00 uur weer klaar. Het programma in hoofdlijnen zie je hieronder:

Inspiratie en discussie rondom de thema’s: voedsel, mobiliteit en afval in de stad met de hele groep.
Proces-inspiration-s
Ieder team of individu, kiest een aspect van het probleem uit dat ze belangrijk vindt en gaat daar ideeën voor bedenken.
Process-Idea-canvas-w
Maken! Jouw idee als prototype tot leven brengen, met de aanwezige materialen: oud plastic, karton, wielen, motors, LEDs, tape, stokjes, enz.
Process-Maken-w
Presenteren: ieder team of individu vertelt welk probleem ze gekozen hebben, welk idee ze hebben bedacht en wat ze gemaakt hebben.
process-presenteren-w

Uitkomsten
De kinderen hebben zowel fantastische als praktische dingen bedacht en gemaakt, daar kan je ook meer over lezen in dit Fastco artikel. Maar het is goed om te zeggen dat het ons, als initiatiefnemers niet om de bedachte oplossingen te doen is, we denken ook niet dat wat de kinderen bedenken meteen in productie genomen gaan worden of zo.

Het gaat erom dat kinderen nadenken over wat ze belangrijk vinden, dat ze hun betrokkenheid mogen laten zien, hun creativiteit aanspreken en lekker met allerlei nieuwe en oud materialen dingen kunnen maken. Al doende leren kinderen heel veel. Wat leren ze? Dat mag je je afvragen. Dat vergt nog een blogpost, wellicht een vervolg op deze.

En nu?
Wij, als Designathon team, zijn ons lekker aan het bezinnen hoe we nog veel meer kinderen in Nederland en rond de wereld deze leerervaring kunnen aanbieden. In februari 2015 maken we een ‘online magazine‘ erover en in mei 2015 moet ons toolkit klaar zijn. Intussen spreken we met andere initiatieven en scholen over hoe we kunnen samenwerken. Als je ideeën hebt, horen we het graag!

Meer weten: www.globaldesignathon.com en www.unexpect.nl

Emer Beamer

 

 

Workshop. Doelgroep-input.

De melkklopper. Belangrijk onderdeel van de workshop.
De melkklopper. Belangrijk onderdeel van de workshop.

Zo’n twintig leerlingen van het Haags Montessori Lyceum, De Dalton, het Maerlant en het Haganum, allemaal, net als de Populier, oude Haagse scholen met een boel historie kwamen vandaag bij mij op bezoek. Deze leerlingen volgen een programma dat “Masterclass Humanities” heet. Het zijn leerlingen die een extra uitdaging willen en dat ook, volgens hun school, aankunnen (het woord “excellent” is niet gevallen).

De afspraak voor dit bezoek was gemaakt voor de zomervakantie. Het idee was om te spreken over:

Wat kan er beter aan onze huidige schoolcultuur van in een klas zitten, leren en dan minimaal 55% van de stof begrijpen, zodat je een voldoende kunt halen?

Degene die me dit vroeg, Ine Raangs van het HML, was naar mij verwezen door Simon Verwer. En zoals dat bij mij werkt: ik ken Simon en ik vertrouw hem dus dan zeg ik”ja”.

Toen de datum van 25 november dichterbij kwam, moet ik de workshop die ongeveer 1,5 uur mocht duren natuurlijk gaan vormgeven. Ik ben, zoals de trouwe lezer van deze blog weet, erg hard aan het denken over “het DNA van Maker Education”. Wat is er dan niet mooier om een groep leerlingen, de doelgroep, die ook nog eens goed kunnen nadenken, eens te laten nadenken over mijn worstelingen.

En zo geschiedde. Na een inleiding over wat Maker Education is (lijkt op de inleiding van deze website) zijn de leerlingen eerst aan de slag gegaan met een geinige @makered-opdracht. Daarna heb ik ze duidelijk gemaakt dat dit een echte opdracht was; dat wil zeggen, dat de vragen niet al beantwoord zijn en dat ik hun opmerkingen zeer serieus zou nemen. Daarna hebben ze zich gebogen over drie vragen:

  • Moet Maker Education op elke school? Van kleuterschool tot universiteit?
  • In elk vak of in een apart vak?
  • Hoe kunnen we dit voor elkaar krijgen?

De workshop was aan het einde van de middag en de energie was er wel een beetje uit. Maar de antwoorden waren van een prima kwaliteit.

Moet Maker Education op elke school? Van kleuterschool tot universiteit?

Ja, op alle niveau’s. Maar alleen basisschool en middelbare school. Geen vervolgopleidingen.

In elk vak of in een apart vak?

Apart vak. Per periode nieuw vak met nieuwe leraar. Past niet goed bij maken als Nederlands en Engels

Een vak apart zodat je er echt op kunt focussen. Je zou evt. wel voor elk vak iets kunnen maken of zo. En misschien minimaal één jaar verplicht zoals ANW. Per periode moet je 1 of 2 vakken uit je vakkenpakket verwerken. Moet onderdeel van je profielproject zijn.

Ja, voor alle vakken. Zo kan je creatief zijn op meerdere vakken. Vb: koken, schrijven, bouwen.

Hoe kunnen we dit voor elkaar krijgen?

Dit (de workshop, Arjan) was erg leuk. Als je dit op veel scholen doet, krijg je snel veel mensen mee.

Prachtige adviezen waar we verder mee kunnen. Ga ik vaker doen: workshops geven en als “betaling” slimme en doordachte antwoorden vragen op prangende kwesties!


Een van de uitvindingen gedaan tijdens de workshop: een verkoeler/vernevelaar. Nooit eerder gezien!

 

Maker. De documentaire. Een recensie.

Dale Dougherty. Let op zijn vrolijke hoofd bij het demonstreren.
Dale Dougherty. Let op zijn vrolijke hoofd bij het demonstreren.

Op 16 oktober jl. werd de film Maker, a documentary on the Maker Movement van Mu-Ming Tsai vertoond in het Rotslab in Utrecht. Een initiatief van Kennisnet. De avond werd gehost door Wietse van Bruggen. De film is gecrowdfund en is ook te downloaden (voor $19,95) van de website. Je kunt de trailer zien onderaan deze post.

De film begint met aandoenlijke beelden van een meisje dat soldeert, dat iets  maakt. Haar vader (!) kijkt vertederd en blij toe. De film eindigt met dezelfde beelden. Maken is de toekomst, dat willen de makers van deze film maar zeggen.

Laat ik beginnen met wat er mist in de film.  Het meisje in het begin schept de verwachting dat het ook zal gaan om de plek die de Maker Movement in het onderwijs zou kunnen krijgen. Helaas. Er zijn wat algemene opmerkingen, met name van Superawesome Sylvia (het bekende meisje dat een eigen YouTube show heeft waarin ze dingen maakt) over de educatieve waarde van Maken. Dale Dougherty, de hoofdredacteur van het blad Make, dat een belangrijke rol heeft gespeeld bij de opkomst van “the new maker” laat wat producten zien die gemaakt zijn voor zijn blad en zegt daarover m.i zeer terecht:

Een belangrijk ding bij maken is dat je er daarna mee kan spelen. Zodat iemand aan je vraagt, wat heb je daar?

De kinetische kunst van Nemo Gould wordt nog getoond en de directeur van uitgeverij O’Reilly, Tim O’Reilly zegt nog dat hij graag wil dat maken weer normaal wordt voor elke leerling. Maar daarna neemt de economie het woord. Om het niet meer af te staan.

Dat is jammer maar aan de andere kant laat het de weg vrij voor een ambitieuze filmmaker om deze weg nog eens helemaal te bewandelen. Onze reis naar de VS heeft laten zien dat er ontzettend veel mensen met bootladingen energie bezig zijn “het DNA van Maker Education” te maken. En dat doen ze vrijwel allemaal “makerstyle”, dus denken maar vooral op doen, proberen. Als daar geen mooie film in zit?

De drone die Chris Anderson van 3D Robotics maakte. "Ten years ago: classified military material, ten years before that: impossible."
De drone die Chris Anderson van 3D Robotics maakte. “Ten years ago: classified military material, ten years before that: impossible.”

De film laat daarna wel goed zien hoe The Maker Movement zijn plek in de grote wereld aan het veroveren is. DE CEO van 3D Robotics, Chris Anderson gelooft er echt in. Hij ziet drie Industriële revoluties. Als eerste de mechanische, waarbij spierkracht werd vervangen door machines. Vervolgens de informatierevolutie, via de democratisering van het computergebruik: “brainpower to computerpower”. En als de laatste, derde revolutie ziet hij de samenkomst van deze twee in The Maker Movement. De technologie is voor iedereen bereikbaar en

Het bevrijdt de ideeën en creativiteit van de mens.

Nog heel even komt Maker Education voorbij als Jim Newton, directeur van Techshop, een Maker Space, zegt dat het verkeerd is om te denken dat maken alleen maar is voor kinderen die niet zo goed zijn op school (hij zegt letterlijk “dub kids”). En bovendien zijn uiteindelijk de shop classes (vergelijkbaar met ons VMBO hout of metaal?) uit het Amerikaanse systeem verdwenen. Dale Dougherty analyseert dat dat met name komt door aansprakelijkheid. Maar:

Als je alle risco’s wegneemt, neem je ook de creativiteit weg.

Vervolgens wordt er full swing ingezet op de economische en maatschappelijke relevantie van The Maker Movement. Navi Radiou, van het World Economic Forum schets het nieuwe ecosysteem.

ecosysteem

Als het ecosysteem binnen tien aan het werk is verandert het niet alleen de industrie maar ook educatie, gezondheidszorg enzovoort.

Een mooi moment: "onze" satteliet wordt gelanceerd vanuit het ISS!
Een mooi moment: “onze” satelliet wordt gelanceerd vanuit het ISS!

De film toont vervolgens een aantal bedrijfjes/instellingen die passen binnen dit ecosysteem. Zo zien de bio hackerspace (biotechnologie hacken, genspace) in New York en de Open-ROV (Open Source Onderwaterrobot) en Nanosatisfi (nu spire) die kleine satellieten die je zelf kunt programmeren om de aarde laat draaien. Mijn school heeft daar eens aan meegedaan, bijgestaan door Kennisnet. Je kunt dus gemakkelijk “Citizen Scientist” worden. De CEO van Open_ROV maakt nog een prachtige observatie. Hoe kun je geld verdienen als je alles open source op je website zet? En iedereen het dus kan kopiëren.

We verkopen spullen. Iedereen mag het namaken: niemand kan onze sociale omgeving klonen. Je bent te langzaam als je je tijd verdoet met kopiëren!

Open-ROV, de Open Source onderwaterrobot.
Open-ROV, de Open Source onderwaterrobot.

Het 3D printen, de superster van The Maker Movement krijgt zijn eigen plekje. En het is mooi om te zien dat de 3D printer hier niet als een pseudogod wordt aanbeden. Carl Bass, CEO van Autodesk en maker zegt:

3D printen krijgt een geweldige pers maar het is gewoon een gereedschap. Het heeft geweldige eigenschappen maar ook verschrikkelijke. Fantastisch dat zoveel mensen er enthousiast over zijn maar de Maker Movement is volstrekt onafhankelijk van de 3D printers!

Ook Carlo Martinez, ook van Autodesk relativeert het belang van de 3D printer:

Gaan 3D printers de ouderwetse manieren van produceren vervangen? Nee. Denk aan de magnetrons. Geweldige hulpmiddelen maar hebben niet de gewone ovens de keuken uitgejaagd!

 

The Sashimi Tabernacle Choir op de Maker Faire
The Sashimi Tabernacle Choir op de Maker Faire

Dan zijn we 40 minuten in de film. Voor een Maker Educator en voor een Maker zakt de film dan in. Het gaat over de laatste twee punten van het ecosysteem, crowdfunding en manufacturing. Het verhaal van Pebble is natuurlijk prachtig: $100.000 verwachten bij een Kickstarter funding en meer dan $10.000.000 ophalen, 100 keer zoveel. De voorbeelden van kleine fabriekjes die modern werken zoals Rickshaw Bagworks (klein stadsfabriekje, “fresh bags made daily”) en Local Motors waar delen van auto’s ge3Dprint worden en verder gemaakt worden zoals jij wil. Je kunt zelfs in de fabriek je eigen auto in elkaar zetten waarbij je betaalt voor materialen, advies en gebruik van gereedschap.

We kijken nog even naar The Sashimi Tabernakel Choir (zie hiernaast) en de film eindigt dus weer, zoals eerder gezegd, met het solderende meisje. Zie het als opmaat naar een nieuwe film. Een film over Maker Education.

Reactie bewindslieden Manifest

Bij het overleg over de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen op donderdag 6 november boden de kamerleden Anne-Wil Lucas (VVD) en Tanja Jadnanansing (PvdA) het Manifest van Maker Education, Makersonderwijs aan, aan de bewindslieden Minister Bussemaker en Staatssecretaris Dekker. Deze reageerden beiden later in het debat. In de korte video hieronder kunt u hun reacties zien. Minister Bussemaker koppelde het vooral aan het MBO en het kunstonderwijs en Staatssecretaris Dekker spreekt over de vaardigheden en de kansen die Maker Education biedt. Beiden willen graag hier graag verder mee. Bekijk hieronder het filmpje en lees hier de tekst.

Actieagenda Smart Industry

smartindHet ministerie van Economische Zaken heeft mevrouw I. Dezentjé-Hamming gevraagd een Actieagenda Smart Industry samen te stellen. Een actieplan om de “kansen” die de verregaande digitalisering van de industrie biedt, “te pakken.” Lees hier de brief die minister Kamp aan de Tweede Kamer stuurde.

Punt 10 van dit actieplan heet “LEREN ZONDER ONDERBREKING”. Onderzocht is dat bedrijven denken dat de 21st century skills belangrijk zullen zijn bij de banen in de industrie van de toekomst. Het doel,van dit punt is zo geformuleerd:

Een leven lang leren centraal stellen van jong tot oud om zo de snelle vooruitgang van de technologie te kunnen benutten.

Een van de acties die moet zorgen dat we dit doel halen is:

Moderniseren van het curriculum van het primair en voortgezet onderwijs, door het invoeren van soft skills, de zogeheten 21st century skills en kennismaking met technische skills.

En de betrokken partijen zijn:

Samenwerking tussen stuurgroep Smart Industry en het Techniekpact en het stimuleren van initiatieven die techniek & ICT een plaats geven in het onderwijs in de vorm van ‘maker education’.

Het is mooi om te zien dat ook buiten het ministerie van OCW Maker Education wordt gezien als een nastrevenswaardige onderwijsvorm. Waar het bij Onderwijs natuurlijk onderwijskundig wordt gedreven, is het bij EZ een economische noodzaak. Een mooie opsteker en Minister Kamp heeft toegezegd dit uit te gaan voeren. Binnenkort dus waarschijnlijk een uitnodiging!

Klik hier voor het volledig actieplan (PDF).

Hoe start je een MakerKlas?

Nee, dit artikel geeft geen antwoord op bovenstaande vraag. Ik zou deze vraag eerder willen voorleggen aan de pioniers die mij al zijn voorgegaan, zodat ik van hun ervaringen kan leren. Want in de eerste schoolweek van januari 2015 is het zo ver: dan gaat de MakerKlas van het Grotiuscollege in Heerlen officieel van start.

Zonder het te beseffen was ik zelf al een paar jaar met Maker Education bezig in mijn informaticalessen. Dit kwam doordat ik in 2012 Arduino (een goedkope en relatief eenvoudig te programmeren microcontroller) ontdekte. Verstand van programmeren had ik wel, van elektronica niet. Met behulp van het internet lukte het me om een paar fantastische dingen te maken.

De mogelijkheid om zelf apparaten met internet te laten communiceren is geweldig, daar móést ik mijn informaticaleerlingen kennis mee laten maken. Dus ik schafte een paar Arduino Starter Kits aan, leerde de leerlingen de basis en liet ze daarna zelf iets bedenken. Dat begon met een obstakelontwijkend robotje dat ook via het http protocol bestuurd kon worden. Aan het einde van het schooljaar kregen we een 3D printer, die door docenten en leerlingen samen in elkaar werd gezet. En dit apparaat inspireerde twee leerlingen zelfs tot het bouwen van een 3D scanner, waar een landelijke profielwerkstukwedstrijd mee gewonnen werd!

In die tijd ontdekte ik op Twitter de FabKlas van scholengemeenschap De Populier in Den Haag. Mijn eerste reactie: “Dit wil ik ook!”.

Na die mail duurde het lang voordat we bij de directie aan tafel zaten. Daar kregen we meteen groen licht voor ons plan. De MakerKlas wordt georganiseerd tijdens de les informatica omdat de leerlingen van dat vak verplicht mee moeten doen. Daar is het immers ooit begonnen. Hopelijk kunnen we het makersonderwijs in de loop van het schooljaar dusdanig op de kaart zetten dat het over een jaar een structurele plaats op school heeft gekregen. De directie onderkent het belang van makersonderwijs wel, maar kan niet garanderen dat er meer tijd, ruimte en geld beschikbaar komt.

Om een indruk te geven wat mijn idee van een MakerKlas is: de volgende aankondiging stond op onze schoolsite:

MakerKlas RobotZelf een robot bouwen die obstakels kan ontwijken. Met een 3D printer je zelfontworpen designobject tastbaar maken. Lampjes en andere elektronica in je kleding verwerken. Apparaten aanpassen zodat ze via internet te bedienen zijn, zoals een snoepautomaat die op Facebook Likes reageert of een deurbel die Tweets verstuurt. Meekleurende achtergrondverlichting achter je tv maken. Een machientje maken dat maar een ding kan: zichzelf uitzetten. Moleculair koken. Of een combinatie van dit alles, aangevuld met je eigen interesses. Je kunt het zo gek niet bedenken. Zolang je maar met Maken bezig bent. Programmeren. Solderen. 3D printen. Knippen. Plakken. Tekenen. Ontwerpen. Onderzoeken. Experimenteren. Schroeven. Boren. Zagen. Samenwerken. Fouten maken. Verbeteren. Leren. Amuseren. Dat is wat we vanaf januari elke vrijdagmiddag op school gaan doen. We noemen het onze MakerKlas. En iedereen is welkom. Maar we beginnen klein, met een beperkt aantal deelnemers. Wil je meedoen? Stuur een mail naar meneer Crützen en beschrijf waarom je erbij wil zijn.

En dan is het nu wachten op aanmeldingen. Op het moment van schrijven (ruim een week na de eerste aankondiging) hebben zich 13 leerlingen ingeschreven. Ik schat dat 20 deelnemers een mooi aantal is om te starten, maar hoop ook dat het er niet heel veel meer worden. Want hebben we dan wel materiaal genoeg? Daarnaast heb ik meer twijfels. Is datgene wat we in ons bezit hebben wel afwisselend genoeg? Wat ontbreekt er nog? Waar halen we geld vandaan als we iets tekort komen? Moet ik iedereen verplichten in een vaste structuur te werken (met plan van aanpak, planning, ontwerpdocument…) of laat ik ze gewoon hun gang gaan? (Van de tweede optie houd ik zelf veel meer.) En begrijpen mensen eigenlijk wel wat ik bedoel met mijn MakerKlas?

Om over dat laatste zoveel mogelijk duidelijkheid te scheppen heb ik makerklas.nl opgezet. Die site wordt voor de makers een naslagwerk over de materialen, elektronica en apparaten die ze kunnen gebruiken. Voor de buitenwereld wordt het een showcase van de producten die we gaan maken. Vlak voor de kerstvakantie komt er een kennismakingsbijeenkomst met de makers, waarin ik de mogelijkheden van al het materiaal toelicht en ideeën laat zien. Daarna wordt iedereen op vakantie gestuurd met de opdracht om te bedenken wat voor moois ze gaan maken.

Ik kan niet wachten tot het zover is.

Ralph Crützen, docent wiskunde en informatica op het Grotiuscollege in Heerlen.

Wat is Maker Education?

dna“Het DNA van Maker Education ontwerpen.”

Het blijft maar in mijn hoofd zitten. En in de zoektocht naar wat dat dan is, Maker Education, wat het doet, kwam ik een filmpje tegen. Een filmpje van de Albemarle County Schools die enthousiast zijn over Maker Education en dingen proberen (zo moet dat zegt bijvoorbeeld ook Milja Kruijt in haar commentaar op de vorige blogpost).

Dit filmpje is opgenomen tijdens een zomerkamp voor leerlingen van basisschoolleeftijd. En het laat heel goed zien wat dat is, en wat het doet. Een paar observaties en quotes (mijn, losse vertaling).

Een leerling zegt:

Wat je maakt, mag je houden!

Kennelijk belangrijk voor leerlingen en dus mooi voor ons om te weten.

Een lerares merkt op dat er drie dingen nodig zijn:

Begeleiding, materiaal en TIJD.

Een terugkerend thema. Zo’n zomerkamp heeft dat natuurlijk in overvloed: tijd. Je ziet het ook aan de ontspannen gezichten in het filmpje.

Ook mooi is dat een leerling zelf zegt dat je wat leert en dat het ook nog leuk is! Een leraar zegt:

Er is geen fout of goed.

En het hoofd van de school:

Je bent de assistent van de leerlingen. En soms is het heel moeilijk om niks te zeggen als ze iets nogal onhandig doen.

Een ouder vertelt dat haar kind heel trots is op wat hij maakt. De leraar zegt daarover:

Als je alleen een cijfer mee naar huis neemt, een zes bijvoorbeeld, wat ga je dan vertellen? Je wilt het niet eens vertellen: je vriendje had een acht! Maar als je iets gemaakt hebt…

De mooiste quote zit op 2.45 min. Een meisje zegt:

Je kan dus dingen doen waarvan je vader of moeder of verzorger, wie dan ook zegt: “Wo-ow!” En dan zeg ik “Van school!”

https://www.youtube.com/watch?v=OzXmoCPoz4Y

 

Leah Buechley: denk mee!

Leah Buechley
Leah Buechley

Leah Buechly is een kunstenaar, designer, docent, wetenschapper, die tussen 2009 en 2013 verbonden was aan het MIT Media lab in Boston (een van de heilige gronden van Maker Education). Ze houdt zich bezig met High and Low Tech en heeft o.a. het geweldige boek SEW Electric op haar naam staan, over stof, electronica en programmeren.

In onderstaande toespraak voor het EYEO-Festival houdt Leah een emotioneel betoog om The Maker Movement in het algemeen en Maker Education in het bijzonder veel inclusiever te maken. Ze verstaat de kunst van het houden een spannend betoog. Zo begint ze eigenlijk met een liefdesverklaring voor het blad Make en het hele ecosysteem dat vanaf het eerste nummer van Make Magazine uit januari 2005 is ontstaan (Maker Shed, Maker Faires, Makered.org, etc.). Ze moedigt de luisteraar aan het blad te kopen en naar Maker Faires te gaan en benadrukt de belangrijke rol die Make heeft gehad.

Maar

En die maar voel je aankomen en spreekt ze ook duidelijk uit.

“But”

Geen big data maar o.a. een onderzoek naar de 39 covers van het blad sinds het ontstaan, levert een onthutsend beeld op. 85% van de mensen die voorop staan is man. En 100% is wit of Asian. En uit een ander, door Make Magazine zelf gedaan onderzoek blijkt dat de lezer ook nog eens behoort tot der 10% rijkste Amerikanen. Voor meer en uitgebreider lezersonderzoek (Magazine) en bezoekersaantallen (Maker Faires) klik hier.

Kortom, en Leah laat hier een paar welgemeende “Fucks” horen. Maken zoals gepropageerd door Make Magazine is een bezigheid voor “rich white men”. En dat is niet goed als The Maker Movement een sociale beweging moet zijn. En helemaal als het het onderwijs in gaat. Dan mag het niet meer alleen maar voor rijke witte mannen zijn. Ze geeft daarna een paar voorbeelden van Makers die Make Magazine over heeft geslagen.

Het is een belangrijk punt. Bij de FABlearn conferentie op 25 en 26 oktober op Stanford was het ook een belangrijk thema. De belangrijke denkers rondom Maker Education (Gary Stager, Sylvia Martinez en Paulo Blickstein) hebben allemaal op Twitter of Facebook hun steun voor Leah en haar betoog uitgesproken.

Het is een belangrijk punt waar ik nog niet over uitgedacht ben. Het is hier in Nederland nu wellicht ook nog best elitair. Vragen die bij mij opkomen zijn:

  • Moeten we vanaf het begin hier rekening mee houden of kunnen we beter beginnen (met de energie en het geld van de witte rijke mannen en het bijstellen waar nodig?
  • Is Maker Education niet het zoveelste onderwijsplan dat het verschil tussen de geprivilegieerden en de niet-geprivilegieerden vergroot?
  • Is de oplossing niet gewoon om eerst Maker Education maar eens op het VMBO te introduceren?

Voor de duidelijkheid: ik weet de antwoorden echt niet. Het vergt denkwerk en onderzoek. Toen we ooit met Maker Education begonnen op onze school, de Populier, door gewoon met de leerlingen te gaan doen wat we zelf leuk vonden, had ik ook nooit kunnen bedenken dat we hier over moesten gaan nadenken. Maar het moet wel. Maar graag Maker-style: dus samen itererend naar een mooi “eind-product”.  Dus: graag jullie commentaar. Hieronder of op je eigen plekje, via Twitter, Facebook, het maakt niet uit.