Nieuwsgierige kinderen leren meer

Een prachtig verhaal over Makende leerlingen in een Schakelklas en in een Plusklas op de kleurrijke Amsterdamse basisschool de Regenboog.

Dit artikel is geschreven door Carla Desain zelfstandig (onderwijs)journalist en dit artikel is eerder gepubliceerd in: Vives, onderwijsinnovatie en ICT (maart/april 2017)

“Jij hebt echt zelfvertrouwen. Als iets niet meteen lukt, zeg jij: ‘Ik probeer het nog eens. Het komt vast goed; ik ben sterker dan het materiaal’. Dat vind ik bijzonder.”

Klik hier voor het hele artikel.

Scratchpapier: gènag voâr wènag!

Zoals veel mensen inmiddels wel weten is de Tinkering Studio een geweldige plek om materiaal vandaan te halen. Koop dit boek maar eens. Dat kan je blind doen, je krijgt geen spijt. Ook het blog is interessant om te volgen. Hier worden vaak ideeën en in de woorden van Ryan, “half baked prototypes” gedeeld. Geïnspireerd op de het #scratchpaper idee hebben we zelf ook een “half baked prototype” om te delen. Het is een iteratie van het #scratchpaper idee. We noemen het Scratchpapier (downloaden!) al staan we open voor andere suggesties. Let op! Het is een prototype!

Idee

Het idee is materiaal te maken waarmee leerlingen/kinderen aan de slag kunnen om iets interactiefs te maken. Met de computer iets in de wereld laten gebeuren. De Engelse term is ‘physical computing”. We weten even geen goede Nederlandse term. Zoals wel vaker mikken we daarbij op goedkoop en toegankelijk materiaal dat op veel manieren kan worden gebruikt. Het is een bonus wanneer het makkelijk deelbaar is. We geloven erg in delen. Ideeën bouwen op ideeën.

Het #scratchpaper materiaal van het exploratorium voldoet aan onze eisen, goedkoop, divers en toegankelijk. Maar wellicht niet toegankelijk genoeg. Je zou kunnen zeggen dat bij “physical computing’ de legostenen een digitaal en een fysieke kant hebben. In dit geval een standaard elektronisch onderdeel met een stukje code. Die twee dingen brengen we samen op één stukje papier. We hopen dat leerlingen zo alle losse onderdelen leren kennen en gaan combineren om de dingen naar hun eigen hand te zetten. Wanneer dat lukt kunnen ze dan daarna met papier/hout/karton hun eigen projecten gaan bouwen. Van geleide instructie naar constructionisme.

We hopen, wanneer het goed werkt, het langzaam uit te bouwen naar meer onderdelen, meer talen en andere platforms. Binnenkort komt er van hetzelfde blad ook een Micro:bit versie. Dit handige en sexy apparaatje neemt een aantal nadelen die we verderop zullen tegenkomen, weg. Nu niet gelijk stoppen met lezen, het is heel leuk!

 

Materiaal

Het is simpel, je kunt (dit eerste deel) van het werkblad uitprinten. Het werkblad is gelijk de bouwinstructie. Iets zwaarder papier is wel aan te raden. Waar bijvoorbeeld kopertape staat, tape je daadwerkelijk kopertape. Waar een ledje staat, plaats je een ledje.

De tekeningen zijn naar tuurlijk weer van Marten. Ik vind ze weer geweldig en ben daar gelukkig niet alleen in.

Door de tekeningen heeft het een wat minder technische uitstraling, dat zei een eerste testgebruiker ons. Daar zijn we blij mee! Dat is precies de bedoeling. Dit materiaal is niet bedoeld om te leren programmeren maar voor alle leerlingen om ideeën echt te maken.

Het materiaal mag natuurlijk vrij gebruikt worden mits niet commercieel. We horen heel graag hoe het werkt en ook hoe het niet werkt! Ideeën voor andere onderdelen, ideeën voor gebruik, ervaringen, we horen ze allemaal heel graag!

Benodigdheden
Om dit materiaal te gebruiken heb je de volgenden dingen nodig:

  • Trilmotoren
  • LEDjes
  • Piezo-elementjes
  • Dik papier (160gr)
  • Kleurenprinter
  • Kopertape
  • Krokodillen snoertjes
  • Soldeerbout
  • Soldeer
  • Arduino

Gebruik

Dan nu het saaie stuk. Wat moet je doen om hiermee met je leerlingen aan de slag te gaan? Allereerst maak je natuurlijk zelf een setje voordat je dat de leerlingen laat doen.

Je kunt het werkblad op verschillende manieren gebruiken:

– alle onderdelen losknippen en de codekanten als een waaier verzamelen
– de strookjes (horizontaal) uitknippen en over de middellijn vouwen. Zo heb je een code kant en een elektronica kant.
– Stroken horizontaal knippen waarna je van boven naar beneden alles aansluit en probeert.

Probeer wat!

Solderen

De onderdelen worden op de kaartjes gesoldeerd. Wanneer je nog nooit hebt gesoldeerd kun je online wel een instructie vinden hoe het moet. Deze van vrolijke maker Ynze van der Spek bijvoorbeeld. Bekijk ook het andere materiaal van Ynze!

Zolang je met de soldeerbout op de kopertape blijft gaat het niet fout. Het is echt heel makkelijk. Soldeerbout 21…22…23…op de plek die je wil solderen, soldeer erbij, vloeien en klaar. Tape anders gewoon wat stukjes kopertape op een papiertje en probeer het uit!

Elektronica

De elektronica kun je bij de lokale winkel halen waarbij je vaak advies krijgt en de spullen direct in huis hebt. Wanneer je weinig ervaring hiermee hebt is dit een goed startpunt. Veel winkels helpen je graag op weg. Je kunt de onderdelen ook via internet bestellen. Dit is veel goedkoper maar je weet ook niet zeker wat je krijgt en het kan soms weken duren.

We lopen de onderdelen even langs.

LEDje

LEDjes zijn er in alle soorten en maten. Koop vooral simpele leds. Een ledje heeft twee pootjes, een lange en een korte. De korte moet aan de min (GND) en de lange aan de (+), in dit geval een pin aan de arduino. Een ledje in spagaat heeft de neiging om om te vallen. Je zou een knikje halverwege het elk pootje kunnen doen, als een platte letter W. Zo blijft het LEDje makkelijker staan.

Trilmotor

Je kunt verschillende motortje nemen maar de platte hebben als voordeel dat er een sticker aan de achterkant zit. Om te solderen moet je de draden een beetje ontdoen van hun isolatie. Dat gaat met een hele goede striptang zelfs heel slecht. Je kunt met een hete soldeerbout heel makkelijk wat isolatiemateriaal wegbranden. Hoe je de draadjes aansluit maakt niet uit. Netjes is het om de rode aan de pin te doen en de blauwe aan de min (GND).

Piezo-element

Het piezo-element heeft vaak ook twee dezelfde kleur draden eraan. De buitenste ring moet aan de min (GND) en de binnenste aan een analoge ingang op de arduino (A0). Het piezo-element neem druk waar, hoe harder je drukt hoe meer signaal. Binnen scratchX lopen de waarden van 0 tot ongeveer 100.

Tussen de plus (A0) en de min (GND) zit een weerstand. Weerstanden verschillen in waardes die je kunt vinden door te kijken naar de gekleurde ringen. In dit fijne filmpje van Rob van Bakel wordt het uitgelegd. Wij gebruiken een 1M Ohm weerstand (bruin-zwart-groen). Minder kan ook maar dan neemt het bereik af. Dit onderzoeken met verschillende weerstanden is op zichzelf al een leuke opdracht.

Krokodillensnoertjes

Om de kaartjes aan de arduino vast te maken kan je een arduino op een plankje maken waarna je de pinnen verbindt aan spijkers.

IMG_6394

Wat ook kan is deze speciale krokodillensnoetjes kopen. Dat kan hier. De laatste optie is dat je simpelweg een snoertje doormidden knipt waarna je de uiteinde een beetje soldeert.

 

Software

Dit is het rotste onderdeel, de software. Je moet hier één keer doorheen. Wanneer het eenmaal werkt blijft het vaak goed werken is mijn ervaring. We maken gebruik van Arduino en ScratchX. Even volhouden dus!

ScratchX

Ik weet dat er allemaal andere opties beschikbaar zijn toch kies is voor het online ScratchX. Dit lijkt het meeste op Scratch en geeft bij mij de minste fouten/heeft de minste bugs. Dat het zo op Scratch lijkt is prettig omdat je dan de ervaringen met dit programmeren weer direct ergens anders kunt gebruiken. Wanneer je bijvoorbeeld aan de slag gaat met een makeymakey (wat sowieso goed met dit materiaal combineert). Het is wel online.

Om ScratchX te gebruiken moet je een plugin installeren. Dat doe je door naar deze pagina te gaan en de geschikte plugin te installeren. Wanneer het gelukt is moet het ‘lampje’ van rood naar oranje zijn veranderd. Nu verder met de Arduino.

Arduino (firmata)
De Arduino wordt gebruikt om te communiceren tussen de computer en de buitenwereld. De firmware die dit mogelijk maakt heet firmata. Anders dan bij het gewone gebruik van een Arduino blijft de Arduino aan de computer verbonden. Dit is dan ook gelijk het nadeel. Je hebt computers nodig om de projecten te laten werken.

Wanneer je nog nooit met een Arduino hebt gewerkt is het misschien een idee eerst eens het “Hello World” van de physical computing te doen, Blink. Begin hier!

Om te communiceren met ScratchX moet de firmata firmware op de Arduino komen. Zie hier voor een goede handleiding.

Wanneer de Arduino is verbonden met de computer, met de plugin en de firmware allebei geïnstalleerd, brand het ‘lampje’ binnen ScratchX nu groen. Je kunt de voorbeeld codes bij de kaartjes gaan gebruiken. Wiehoe!

Laat ons weten wat je ervan vindt! Vinden we leuk.

 

Marten Hazelaar (@mhazelaar)

Per-Ivar Kloen (@___pi)

Rolf Hut: Ingenieur van het Jaar?

Elk kind een maker“.  De slogan van degenen die zich bezig houden met Maker Education of maakonderwijs. We zijn er nog niet, nog niet elk kind in Nederland krijgt de kans om maker te worden. Maar we gaan vooruit. Vaak, zoals Per-Ivar zegt, “van klaslokaal naar klaslokaal” maar we hebben een paar zo’n 600 VO-scholen en 6000 PO-scholen, dus er zijn ook wat grotere stappen te maken.

En dan is het belangrijk om goede rolmodellen te hebben. En de allerbeste die we hebben is Rolf Hut! En nu is Rolf genomineerd voor De Prins Friso Ingenieursprijs, vroeger “Ingenieur van het Jaar” geheten. En wij, Maker Educators in Nederland ondersteunen zijn nominatie van harte. Ben je nu al overtuigd van het feit dat hij het moet worden? Stemmen kan hier.

Waarom is stemmen op Rolf een goed idee?

Rolf is een goede ingenieur. Als je Rolf aan het praten wil laten krijgen, moet je eens vragen naar zijn werk als ingenieur bij de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen in Delft. Hydrologische data. Woorden die gaan leven als Rolf vertelt over zijn werk in Myanmar waar hij de stromen van rivieren in kaart brengt of over onderzoek naar de grondwaterstromen in Kenya.

Rolf kijkt verder. Verbanden zien die anderen niet zien, daar is Rolf een kei in. Zijn collega Olivier Hoes rekende aan de zeespiegelstijging in de baai van San Francisco, Rolf zocht de historische data en Fedor Baart van Deltares rekende hoe hoe het bootje met de voortvluchtige gevangene van Alcatraz in de nacht van 12 juni 1962 gevaren zou kunnen hebben. Tsja. En dan kom je bij de BBC en schrijft de Washington Post over je, mag je lunchen met Mythbuster Adam Savage en word je gevraagd om de ontsnapping na te spelen. Rolf laat zien: Ingenieur is een spannend beroep!

 

Rolf is MacGyver. Goedkope, slimme oplossingen, hij vind ze altijd en overal. Het begon met het gebruik van de WII-controller en een IR-LED als heel goedkope manier om waterhoogtes te meten. Maatschapplijk zeer relevant is de uitvinding van Rolf om met een piëzo-element en een plastic bakje een regenmeter te maken zonder bewegende delen om in Afrika goedkope en betrouwbare weerstations te kunnen gaan maken. De thermometer in een waanbroek is een hele mooie manier om temperaturen van de bodem van stroompjes te meten. Het laatste wapenfeit op dit gebied zijn de drijvers die Rolf onlangs gebruikte in Myanmar waarmee hij de stroom van twee rivier onderzocht, met een goedkope chip die data verstuurd via het GSM-netwerk. Vanaf volgend studiejaar gaan alle natuurkundestudenten op de TU Delft ook aan de slag met een grote maakcursus. Rolf maakt van aankomend ingenieurs weer makers! Klik hier voor een paar “huttige” meetinstrumenten op de website van KIJK.

 

Rolf laat een dat Ingenieur zijn gaaf is. Via een rubriek in de Volkskrant, een column in de KIJK, een boek over zeer Maakbare projecten, een boek over Technische Surprises, als ambassadeur van de Wetenweek, via talloze blogs, lezingen maar ook kleiner door bezoekjes aan leerlingen die aan het maken, door workshops in klassen, is Rolf zo langzamerhand dé ingenieur en laat hij zien dat dat een schitterend beroep is. Dit laatst punt is in mijn ogen dé reden dat Rolf de titel Ingenieur van het Jaar verdient. Zijn enorme hoeveelheid energie en vrolijkheid kweekt een heleboel nieuwe ingenieurs. En daar wordt iedereen blij van! Zie bijvoorbeeld onderstaand filmpje waar Rolf te gast is bij ons Bètakamp en hij gevaarlijke dingen doet. Omdat dat moet.

Kortom, wij vinden dat Rolf het verdient een jaar lang het uithangbord van de Ingenieurs te zijn door prachtige Prins Friso Ingenieursprijs te winnen!

Stemmen kan hier.

En hier kun je nog paar prachtige andere voorbeelden zien van Rolfs vrolijke werk.

Bericht op de BBC-website over Rolfs idee om de Large Hadron Collider van het CERN te beschouwen als werelds grootste regenmeter.

Workshop van een minuut

Hoe het zo kwam

Het is heel mooi dat er nog steeds veel belangstelling is voor Maker Education. We, Per-Ivar en ik, geven zeer regelmatig een lezing of workshop. Een workshop werkt meestal het beste, dan kun je het zelf meemaken. Maar ook moeten we regelmatig een praatje houden. Om dan toch even lekker bezig te zijn, ben ik altijd op zoek naar kleine maakactiviteiten die voldoen aan de volgende eisen:

  • het moet in een á twee minuten te doen zijn
  • het moet vrolijk zijn
  • het moet iets te maken hebben met wat ik vertel (vaak Maker Education)
  • het moet niet te veel voorbereiding kosten om het te organiseren in een zaal

We hebben al een aantal dingen gedaan en geprobeerd:

  • De finger rockets. Zagen we voor het eerst hier in dit TED-filmpje over IDEO en hebben we gedaan bij een workshop voor McKinsey medewerkers in Portugal. Boodschap: “Schiet op ons alsof we je naarste leraar van vroeger zijn” Leverde een hoop goed gemikte raketten op. O.a. hier te koop. Link met Maken: leuk, spelen. Maar je maakt niks.
  • Pingpongbal lanceren. Hebben we een keer gedaan. De opdracht daarbij was om met beperkte materialen een lanceerinstallatie te maken om een pingpongbal zo ver mogelijk weg te schieten. We hadden ijslollystokjes meegenomen, elastiekjes, lijm, ijzerdraad, wat ook meer beschikbaar was. We vroegen de deelnemers ook om een wens, tip, kritiekpunt op de pingpongbal te schrijven, zodat we wat feedback kregen. Leuke, vrolijke opdracht maar het duurde zeker een kwartier. De goedkoopste pingpongballen vond ik hier.
  • Vliegtuigje vouwen. Een vliegtuigje vouwen is altijd vrolijk. Een kleine hindernis heb ik opgeworpen in deze miniworkshop die ik een paar keer gegeven heb: het materiaal is een rond vel. Eerst maakte ik ze zelf maar je kunt ook prima ronde vellen kopen, zoals hier. Leuke en korte workshop met een gaaf einde: allemaal tegelijk de lucht in.

Onlangs mocht ik een praatje houden in Nemo. Bij de voorbespreking, spraken we af dat ik het vliegtuigjes vouwen zou doen. Degene met wie ik sprak vertelde me tegen dat hij ooit eens een workshop had gedaan waarbij hij in een minuut een eend moest bouwen van een paar steentjes. Toen ik thuis kwam ben ik meteen gaan kijken of dat te vinden was en ik vond wel iets maar het betreffende LEGO-setje, nummer 1551, van Serious Play, was niet meer te koop. Alleen nog antiquarisch voor veel geld.

LEGO-eend: De spullen.

Na een paar weken, zat het nog steeds in mijn hoofd en dan weet ik dat ik er verder mee moet gaan. Ik heb even gekeken naar de blokjes die ik nodig had en gezocht naar de goedkoopste plek om LEGO-steentjes te kopen en ben toe in gaan slaan. Ik kwam uit op https://www.brickshop.nl. Heldere webshop met prima service (geen sponsoring hier hoor) en een paar dagen later had ik mijn steentjes. Toen moesten er nog ogen op. Steentjes met ogen waren niet te koop en ook stickers van ogen in de juiste maat kon ik niet vinden (wel eerst te grote ik gekocht bij bol.com). Uiteindelijk besloot ik de kleinst mogelijk klevende wiebelogen te kopen. Deze vond ik dan weer bij het onvolprezen Opitec. Nadeel is: veel verzendkosten voor weinig dingen. Ze stoppen het ook nog eens allemaal in een doos, terwijl een envelop prima zou zijn.

Maar toen had ik mijn setjes! Ik kocht er nog een paar stevige plastic sluitzakjes bij alhier (60mm x 80mm, zou nu grotere kopen, past net). Het plakken van de oogjes was een rotwerkje maar daar had ik gelukkig een beetje hulp bij van vrouw en kinderen.

Boodschappenlijstje

Kosten per stuk: €0,51. Daar komen nog verzendkosten bij. Die bedroegen bij mij per 100 stuks ongeveer 11 euro, dus ongeveer €0,11 per eend erbij. Dan komen we op zo’n €0,62 per eend.

Gebruik

Ik heb de eendenworkshop nu een stuk of zes keer gebruikt. En ben zeer tevreden. Meestal leg ik eventueel met behulp van de organisatie de zakjes met LEGO steentjes op de stoelen. Na een paar dia’s kondig ik de workshop aan. Binnen een minuut moet er een eend worden gemaakt. Afkijken is verboden. Na een minuut (echt niet langer) wordt de deelnemers gevraagd om de eend te vergelijken met een buurman of buurvouw, bij voorkeur iemand die ze niet kennen (twee vliegen in een klap).

Deze workshop voldoet aan alle voorwaarden:

  • het is in een á twee minuten te doen
  • het is heel vrolijk: de hoeveelheid plezier is duidelijk te merken aan het gelach
  • de koppeling met Maken is helder
  • als de zakjes eenmaal gevuld zijn is het uitdelen een zeer eenvoudige zaak

Ik vraag altijd of ze de eenden even willen heel houden en neer willen zetten op een tafel in de zaal. Daarmee dien ik twee doelen. Ten eerste krijg ik dan de meeste eenden terug. Dat wil ik graag, wetende dat zo’n zakje LEGO bij veel mensen ergens terechtkomt waar het geen doel meer dient. Mensen die er graag een willen houden mogen dat natuurlijk wel. De ervaring leert dat ik zo’n 5% aan zakjes kwijtraak per sessie. Verder is het een heel leuk gezicht al die verschillende eenden bij elkaar en maak ik daar graag een foto van. Zie helemaal onderaan voor een aantal voorbeelden.

Vraag

Heb jij ook een mooie 1 minuut workshop? Deel die alsjeblieft met ons. Dat kan in de comments of via twitter: @arjanvandermeij

Ook nog

Overigens kun je in hetzelfde filmpje van IDEO nog twee voorbeelden zien die leuk zijn om te gebruiken. Eerst wordt gevraagd op een leeg A4-tje de persoon naast je te tekenen. In 30 seconde. Dit hebben we regelmatig met leerlingen gedaan en levert altijd veel vrolijkheid op. Er zijn belangrijke observaties te maken rondom schaamte ” I think I am getting a lot of sorry’s?”, tekenkwaliteiten, beoordeling van onze peers etc. Verderop in de lezing is er een andere opdracht. Aan de andere kant van het A4-tje staat een flink aantal rondjes en de opdracht is om zoveel mogelijk cirkels te vullenKlik hier voor een pdf met deze cirkels. Deze is wat ingewikkelder te duiden. Het gaat dus om de kwantiteit en niet om allemaal verschillende. Volwassenen kunnen dit niet zo goed. Veel halen maar heel weinig cirkels.

 

PME Leergemeenschap Tilburg

Op donderdag 9 maart organiseert het Platform Maker Education de vierde Leergemeenschapbijeenkomst op het STEMTeacherLab van de lerarenopleiding van Fontys Hogeschool in Tilburg.

Het thema is deze keer “Physical Computing”. We weten even geen goede Nederlandse term. Je programmeert dingen die in de fysieke wereld iets kunnen doen (denk bijvoorbeeld aan robots) of andersom: de fysieke wereld laat jouw programma iets doen. Recentelijk zijn er veel ontwikkelingen die veel bruikbaar materiaal voor het onderwijs hebben opgeleverd. De Micro:Bit van de BBC is daar een voorbeeld van. Op de deze avond zal Lex van Gijsel wat vertellen over de mogelijkheden voor het Nederlandse onderwijs.

Naast de Micro:bit is er nog veel meer materiaal waar je tijdens de avond mee aan de slag kan. Het is echt voor alle niveaus, PO tot HO, beginner tot expert en voor alle vakken (ja, ook als je een taal geeft). We leren van en met elkaar! Wanneer je zelf materiaal hebt dat bij het thema past, dan vinden we het leuk als je dat deelt met anderen op deze avond.

Schrijf je hier of hieronder in en neem iemand mee!

Datum: donderdag 9 maart

Inloop vanaf 16.00 uur, start om 16.30uur, einde: 21.00 uur.

Voor een eenvoudige maaltijd wordt gezorgd.

Fontys Lerarenopleiding

Professor Goossenslaan 1, Tilburg.

Er is een grote parkeerplaats achter het instituut. Deze parkeerplaats is gratis, maar vaak erg vol. Mocht je geen plek meer kunnen vinden is er naast het instituut een groot parkeerterrein onder en achter de bioscoop (euroscoop). Hier parkeren kost 1 euro, ongeacht de parkeerduur.

Het lokaal is B0.14. Dit bevindt zich in de groene B-vleugel op de begane grond. Het gebouw zit vrij logisch in elkaar. Het is een natuurkunde practicum lokaal.

Onderaan deze site staat een tool die je helpt je route te bepalen naar het instituut:

https://fontys.nl/Over-Fontys/Fontys-Lerarenopleiding-Tilburg.htm

Namens het Platform Maker Education,

Per-Ivar Kloen, Arjan van der Meij, Karien Vermeulen, Jeroen de Boer

Namens het STEMTeacherLab van de Fontys Lerarenopleiding Tilburg,

Lex van Gijsel, Mandy Stoop

Inschrijven: https://goo.gl/nyOJvt

Er is een fysieke grens aan het aantal mensen dat mee kan doen. Als die bereikt wordt, doen we het op volgorde van aanmelden.

Interview Per-Ivar in Vives

In het blad Vives werd Per-Ivar geïnterviewd door Carla Desain over maakonderwijs en zijn rol als Fablearn Fellow van Stanford. Zeer lezenswaardig.

 

 

 

 

 

Hoho, scholen moeten niks van mij. Ik vind spullen op zich niet zo belangrijk. De nadruk ligt – wat mij betreft – op het naar buiten brengen van de eigenheid en de ideeën van kinderen.

Klik hier om het artikel te lezen (pdf).

Dank aan Karin Winters voor het beschikbaar stellen van de pdf.

Maker Education symposium

Op 1 februari 2017 organiseren studenten van de opleiding Media, Informatie en Communicatie het symposium ‘DIY Education’ op Saxion in Enschede. Van 14.00 uur tot 17.00 uur wordt u door drie experts bijgepraat over Maker Education in het basisonderwijs. Kaarten voor dit symposium kosten 25 euro en zijn verkrijgbaar via de website www.diyeducation.nl.

Sprekers

Karien Vermeulen van Waag Society inspireert het onderwijs om nieuwe technologieën in te zetten en zo het beste uit de leerlingen te halen. Astrid Poot introduceerde de Klooikoffers in de klaslokalen. Hiermee daagt ze leerlingen uit om hun creativiteit optimaal te gebruiken. Wietse van Bruggen van Kennisnet is deskundige op het gebied van Maker Education en programmeren.

MakerMarkt

Natuurlijk wordt er tijdens het symposium over Maker Education niet alleen geluisterd. U kunt ook zelf aan de slag met de verschillende toepassingen van Maker Education. Diverse bedrijven als Heutink en 3D Kanjers staan voor u klaar om uw creativiteit te prikkelen.

Het symposium vindt plaats op 1 februari 2017 in het Harry Bannink Theater van Saxion Hogeschool aan de M.H. Tromplaan 28 te Enschede. Het programma start om 14:00 uur en rond 17:00 uur start de netwerkborrel. Kaartjes kosten 25 euro en zijn verkrijgbaar via de website www.diyeducation.nl

Junior IoT challenge Alkmaar

Fablab de Kaasfabriek uit Alkmaar organiseert een Challenge voor leerlingen uit Alkmaar en omstreken rondom het Internet of Things thema. Alkmaar heeft sinds korte tijd een IoT netwerk dat nu gebruikt gaat worden door leerlingen.

De leerlingen wordt gevraagd m.b.v een Arduino een GPS-systeem aan een ballon te hangen en metingen te doen. Metingen aan de positie, temperatuur, luchtdruk. Dat is al schitterend maar nog niet alles! Ook de organisatie en het uitzoeken van d wet wel en niet mag hoort bij het traject evenals een discussie aan het einde om te uit te zoeken waar de kansen en gevaren van een IoT netwerk liggen. Kortom: een mooi uitgebreid traject en de Kaasfabriek begeleidt dit door workshops te geven, hun expertise in te zetten en ruimte te geven om ermee aan de slag te gaan.

In maart is de uiteindelijke wedstrijd en evaluatie. We houden u hier op de hoogte van alle wederwaardigheden. Een fantastisch initiatief van het Fablab De Kaasfabriek. Bent u in de buurt, neem dan eens een kijkje en laat u verwonderen en doe mee!

 

Voor meer informatie, kunt u mailen met Marco van Schagen: marco@kaasfabriek.nl
of contact zoeken via het algemene e-mailadres: info@kaasfabriek.nl

 

Escape the classroom

foto 1
foto 1

Mijn vrouw en ik speelde ‘escaperoom the game’. Een home editie waarbij je puzzels moet oplossen om binnen een uur te ontsnappen uit een kamer. Bij elke puzzel verkrijg een serie van getallen waarna je een sleutel moet invoeren in een plastic apparaat, zie foto 1. Alhoewel ik er van te voren weinig fiducie in had dat ik dit leuk zou vinden, waren de puzzels toch leuk en word je fanatiek door de tijdslimiet. Zou een zelfde concept mogelijk zijn in de les? Hoe zou dat er dan uit moeten zien en wat wordt dan de wijze waarop de leerlingen een code moeten invoeren?

Het concept dacht ik verder uit. Leerlingen krijgen vier genummerde plaatjes met grootheden. In elk van de vier plaatjes kun je maar een grootheid altijd uitrekenen (leerlingen weten dat niet, dat hoort bij de puzzel). Vervolgens moeten de berekende waardes gerangschikt worden op grootte. De verkregen code moet vervolgens ingevoerd worden. Is de code goed, ga je naar het volgende level (er zijn vier levels). Is de code fout, dan gaat er een minuut af van je tijd, en gaat er kort een alarm af.

Zoals hierboven al impliciet beschreven staat zijn er toch wat technische dingetjes nodig. Als fan van de Arduino leek me dit dan ook een prima idee om te maken met de Arduino. De eisen die ik stelde:
– Een timer moet terugtellen, leerlingen hebben 40 min de tijd
– Vier drukknoppen om de code in te voeren
– Vier led’s om het level bij te houden waar je bent
– Een rode led als alarm
– Een buzzer voor het alarm
– Een minuut tijdstraf als een fout code is ingevoerd.
De volgende dag ben ik meteen aan de slag gegaan. Natuurlijk eerst met twee drukknoppen die je in de juiste volgorde moet indrukken, zie foto. Toen dat werkte (niet al te makkelijk) werd het programma uitgebreid met een volgend level. Daarna een volgend knopje. Werkend vanuit een eenvoudige basis naar een complexer systeem met meer functies is niet heel lastig. Als je basis maar staat.

Ik kocht bij een winkel een goedkope theedoos. Haalde het deksel er af en vroeg een vriend om een nieuwe deksel te snijden waarin de diverse onderdelen ingebouwd konden worden. Ondertussen ging ik door met het maken van een timer. Als je de juiste instructable hebt gevonden, is dat niet zo lastig meer, alleen waren al mijn pinnen op de Arduino meteen bezet. De volgende uitdaging was dus om twee Arduino’s met elkaar te laten praten. Dat bleek niet heel lastig, zoals ik al gedacht had. Je gebruikt de schakeling die je normaal ook gebruikt voor het uitlezen van een drukknop en stuurt een hoog signaal van de ene Arduino naar de ander. Nu konden mijn Arduino’s met elkaar praten en was het mogelijk om een tijdstraf te geven bij een verkeerde invoer.

Toen de deksel arriveerde was het vervolgens tijd om de elektronica aan te sluiten. Dit heb ik niet handig gedaan en kan veel sneller door niet je breadboard meteen vast te zetten in de doos. De Arduino’s heb ik ook vast gezet in de doos, zie foto.    Handig, zo blijft het geheel toch nog een beetje beschermd. Na de eerste test bleken er toch nog wat bugs in de code te zitten, die waren er gelukkig snel uit.
Vervolgens natuurlijk testen in de klas. Vier jongen uit 5 HAVO wilden het wel eens proberen. Het concept vonden ze leuk, de tijdsdruk zorgt ervoor dat je door werkt en veel overlegd. Wel moet ik de mogelijkheid voor een hint toevoegen. Binnenkort moet ik dus even een extra hint knop monteren… Dan gaat er wel wat tijd af maar kunnen de leerlingen wel door. Ik heb nog wat andere ideeën voor aanpassingen, maar die voer ik pas door als ik een eigen lasercutter heb zodat ik alles zelf kan maken.

Het maken van de code en het in elkaar zetten van de doos met alle elektronica en het verwijderen van bugs uit de code heeft zo’n 5 uur geduurd. Ik moet nog 5 van zulke dozen maken zodat ik tegelijk met de hele klas (in groepjes) kan spelen. Ik heb zelf best nog wat geleerd van het programmeerwerk, het proces (wat doe je eerst wat kan beter later). Maar het mooist is dat ik er lol in heb gehad en dat ik een werkend prototype heb waar leerlingen en collega’s, maar vooral ik, met bewondering naar kijken.

Wil je er ook een maken? Bekijk dan deze eens: http://www.instructables.com/id/Escaperoom/

Een makerspace voor 0 tot €204,30

Foto van de LighthouseCreativityLab.org

“Hoe moet ik beginnen met maakonderwijs?” dat is een vraag die makerdocenten vaak krijgen. Zo ook mijn mede Fablearn fellow Josh Ajim. Hij heeft daar op zijn site een antwoord op: THE MAKERSPACE STARTER KIT. Tijdens het schrijven van deze blogpost verscheen de website www.makingstartshere.com van Autodesk. Een website die, je raadt het al, antwoord geeft op de gestelde vraag en een platform wil zijn voor allerlei projecten. Er is daar een vrij uitgebreide handleiding te vinden hoe je met maakonderwijs kunt beginnen. Bijna alle aspecten komen aan bod. Geweldig! Het maakt het schrijven van deze blogpost bijna overbodig.

A maker educator is a coach who inspires learners to build technical skills and creative mindsets through hands-on projects and experiential learning. – MAKER PROGRAM STARTER KIT

Waarom zou je verder lezen? Gary Stager zegt in de praatjes die hij houdt vaak: “The best makerspace is in your head”. Dat is mooi en ideaal natuurlijk en het kost ook nog eens niets! Maar hoe kom je daar? Deze blogpost is bedoeld om een antwoord te geven op deze vraag. Het is geen makkelijk antwoord. We gaan in op de praktische kanten maar ook op de cultuurverandering die maakonderwijs vaak is. Met maken is zoveel mogelijk, er is nauwelijks een gemeenschappelijk beginpunt te vinden. eigenlijk het enige is…dat we allemaal gewoon zijn begonnen. Dus lees verder.

 

Voordat we beginnen

Voordat we beginnen gaan we uit van een aantal zaken. We starten met deze voorwaarden:

  • Budget: €0 – €204,30
  • Eenheid: een klas van 30
  • Basis: A4, papier, nietmachine, lijm, computers, printer

Basis
Met de basis bedoelen we materiaal dat al op school aanwezig is. Gewoon materiaal dat voorhanden is. Er is natuurlijk veel meer te vinden en het loont de moeite om eens wat gewone materialen uit te proberen. Paperclips, bekertjes, plakband, je kunt het allemaal op zoveel verschillende manieren gebruiken. Leg het eens bij het materiaal voor een maakproject en kijk wat er gebeurt.

Eenheid
Als eenheid nemen we een klas met 30 leerlingen. Het is fijn wanneer je tegelijk met een klas kunt werken. Je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om met een deel van de leerlingen te beginnen.

Budget
Het budget is maximaal €204,30. Maken gaat meestal over fysieke dingen gemaakt van materialen. Dat kost geld. Daar ontkom je niet aan. Met een beetje creativiteit in het verzamelen kom je wel een heel eind. Maar, maken kost gewoon geld.

Hierna werken we de makerspace verder uit. Beginnen met maakonderwijs kan ook de start zijn van een cultuurverandering. In het blok hieronder lichten we toe we hoe je wellicht wat grip kan krijgen op deze cultuurverandering.

 

Cultuur

Je begint met wat nieuws. Maakonderwijs is veel meer dan spullen, het is bovenal een leerhouding. In deze blogpost vind je wat meer achtergrond over dit idee.

Making is a stance toward learning -Sylvia Libow Martinez

Wanneer je, zoals de meesten in het reguliere onderwijs, aan en curriculum gebonden bent kun je op verschillenden manieren aan maakonderwijs doen:

  • Recepten/handleidingen volgen
  • Binnen kaders in vrijheid werken
  • In vrijheid werken

In deze blogpost schreef ik daar al eerder over. Wanneer er nog helemaal geen ervaring is met praktisch werk is het wellicht verstandig om te beginnen met wat handleidingen te volgen. Dat geeft een goede basis. De echte magie gebeurt echter wanneer leerlingen vrijheid ervaren. “The best makerspace is in your head”. Die vrijheid is geweldig maar heeft ook zo z’n problemen. Vaak staat vrijheid op gespannen voet met een curriculum. Mogen leren tegenover moeten leren. Het is dus heel goed mogelijk dat wanneer je met maakonderwijs begint je ook begint met een cultuurverandering in je klas.

Een cultuurverandering

Dat klinkt behoorlijk pretentieus. Zo is het niet bedoeld. Door beginnen met maken te beschouwen als een cultuurverandering krijg je wat grip op het proces. Dat is waar deze blogpost over gaat. Volgens Scott Keller & Colin Price zijn er vier aspecten die, min of meer tegelijk, aandacht behoeven wanneer je een cultuurverandering teweeg wilt brengen:

  • Overtuiging
  • Systeem
  • Vaardigheden
  • Rolmodellen

Overtuiging
Jij en je leerlingen hebben samen een cultuur gemaakt. Wanneer je begint met maken moet het voor de leerlingen duidelijk zijn waarom je het anders gaat doen. Ze moeten op z’n minst het experiment met je willen aangaan. Wanneer jezelf enthousiast bent, zijn leerlingen vaak makkelijk te overtuigen. Met volwassenen, bijvoorbeeld de schoolleiding kan het wat langer duren. Vergeet niet hier energie in te steken.

Systeem
Probeer het zo te regelen dat er vaak en echt gemaakt kan worden. Vaste. liefst ruime tijden, een duidelijke plek binnen het curriculum, misschien een vast lokaal binnen school (makerspace) Daarnaast kost maken, zoals al eerder vermeld geld. Dat betekent dat je dus een budget moet hebben, liefst voor wat langere tijd.

Vaardigheden
Het is onze ervaring dat leerling veel verschillende vaardigheden ontwikkelen. Elkaar helpen, doorzettingsvermogen en concentratievermogen bijvoorbeeld. Het zijn een beetje de bijvangsten van waar het leerlingen om gaat. Ze willen een project maken. Een idee dat je ze hebben realiteit maken. Hier hebben ze maakvaardigheden voor nodig. Leren solderen, digitaal ontwerpen en programmeren bijvoorbeeld. Als docent zal je ook nieuwe vaardigheden moeten ontwikkelen om dit mogelijk te maken. Geld aanvragen bij het Leraren Ontwikkel Fonds bijvoorbeeld. (LET OP, maar 10% mag materiaal zijn.) Het opzetten van een lokaal netwerk van maakdocenten. Zelf hulp zoeken om eigen vaardigheden, bijvoorbeeld programmeren te ontwikkelen, door je hier aan te melden. Allemaal voorbeelden van vaardigheden die nodig kunnen zijn om een cultuurverandering voor elkaar te krijgen.

Rolmodellen
Makers zijn er in alle soorten en maten. Het is daarom niet moeilijk om rolmodellen te vinden. Mensen die een project hebben gedaan wat jij ook wilt gaan doen. Of andersom, je ziet een geweldig project en je wil dat ook gaan maken. Dat kan iets, een product, zijn maar ook een gave plek, een makerspace, zijn. Eén van de mooiste dingen van de Maker Movement is dat makers ook graag delen. Rolmodellen geven zo vaak ook inzicht in vaardigheden en in systemen. Als docent ben je nadrukkelijk ook betrokken in dit proces. Maakonderwijs is niet iets dat je geeft, dat beleef je ook zelf. Wanneer leerlingen vrijheid krijgen om dingen te maken gaan ze ook vragen stellen waar je geen antwoord op hebt. Dat is soms best lastig als docent, dingen niet weten. Een manier om hier mee om te gaan is om zelf een maker te worden. Ga op z’n minst eens een aantal keren door een maakproces heen. Zoek iets leuks uit op bijvoorbeeld Instructables.com en maak het na. Zo ben je je bewust van je eigen strategieën om problemen aan te pakken. Leerlingen zien die strategieën en kunnen daarvan leren.

Het zou een aparte blogpost waard zijn om dit verder uit te diepen (misschien doen we dat nog eens) maar heel kort komt het hierop neer. Je moet overtuigd zijn dat je dit wilt. Rolmodellen bieden inspiratie voor jou maar ook jouw leerlingen. (Een open deur om te zeggen dat jij een rolmodel voor de leerlingen bent.) Je zult vaardigheden moeten hebben of ontwikkelen om aan maakonderwijs te doen (ontwerpen, werken met gereedschap, enz.) en te organiseren. Alles moet netjes ingebouwd zitten in een systeem. Al deze aspecten zijn nodig om een nieuwe cultuur te maken. In de MAKER PROGRAM STARTER KIT zeggen het ze niet expliciet maar in deze vier voorwaarden zitten alle vier de aspecten:

  1. Experience and interest in working with youth.
  2. Love for learning new skills and an understanding that failure is part of the learning process.
  3. Organizational and problem solving skills necessary to run a classroom or extracurricular program.
  4. Willingness to embrace the maker culture.

Wanneer je de kennis en/of vaardigheden mist, kun je de site HumbleBundle in de gaten houden. Hier kan je vaak een hele berg boeken (digitaal) kopen met het betaal-wat-je-wil-principe die over maken en maakonderwijs gaan. Voor €15 krijg je vaak extra toegang tot allerlei populaire boeken over maken. Dit is de eerste €15 die we uitgeven. We kopen een maakboekenbibliotheek (vaardigheden, systeem en rolmodellen).

Je kunt ook het thuisfront inschakelen om samen aan een cultuurverandering te werken. Samen makers maken! Stuur de ouders een mail met de downloadlink van deze poster van de Stichting Samen Klooien. Zo werk je niet alleen aan de vaardigheden en snappen ouders ook waar je bezig mee bent (systeem, overtuiging een vaardigheden). Voor €4,30 krijg je de mooie poster opgestuurd.

 

Benodigdheden

Ok, verder met geld uitgeven! Er is nog €185 van het budget over. Waar geven we het aan uit? Je kunt je geld aan een aantal zaken besteden: materiaal, gereedschap apparatuur en software. Het budget is beperkt, apparatuur aanschaffen zit er met dit budget niet in. Dat komt in een volgende blogpost aan de orde. We richten ons vooral op materiaal en gereedschap.

Materiaal

Wanneer je met een klas aan de slag gaat is het logisch om de materiaalkosten laag te houden. Met een factor 30, of 15 wanneer je in groepjes werkt, kan het snel uit de hand lopen. Omdat we met zo’n klein budget werken en omdat wanneer het geld op is het maken door kan gaan, kiezen we ervoor om zoveel mogelijk ‘kosteloos’ materiaal te gebruiken. Hier volgen een aantal voorbeelden:

Karton
Nog diverser dan LEGO®, met karton kan je alles maken! Kijk maar eens bij The Cardboard Institute of Technology (CIT). Als het goed is komt er een gestage stroom karton jouw school binnen. Het is zaak deze te vangen. Maakdocent Robbie Torney heeft het opgelost door een vaste plek in school te maken (systeem) waar iedereen het karton verzameld om te gebruiken in maakprojecten (overtuiging).

Meetlinten
Bij bouwmarkten en IKEA zijn vaak papieren meetlinten te vinden. Deze zijn heel erg makkelijk in gebruik. Wanneer je het netjes vraagt is het meestal geen probleem om er een aantal mee te nemen.

Verfstaaltjes
Kleur toevoegen is één van de bekendste manieren om je project persoonlijk te maken. Verf is heel duur maar verfstaaltjes kun je vaak gratis meenemen bij bouwmarkten. Wel weer even vragen.

Filmbusjes
Met filmbusjes kun je hele leuke dingen doen. Veel fotozaken verzamelen ze om geven ze met veel plezier vaak weg aan het onderwijs. Misschien kan je wel een vaste afspraak maken met de fotozaak om de hoek (systeem)?

Oude spullen uit elkaar halen
Oude spullen kunnen een bron van onderdelen zijn. Van scharnieren van oude keukenkastjes tot elektronica onderdelen uit oude elektrische apparaten. Het uit elkaar halen kan op zichzelf al een les zijn (wel weer gereedschap nodig). Via een HumbleBundle is dit naslagwerk te krijgen. Zo kun je achterhalen welke onderdelen er in jouw apparaat zitten (ook hier te koop).

Folders/tijdschriften
Het afdrukken van plaatjes en teksten van internet is vaak een dure aangelegenheid. Door het verzamelen van folders en tijdschriften heb je gratis verzameling foto’s en fonts. Natuurlijk is dit zeer beperkt maar dat kan juist op de kracht zijn. Dat is goed te zien in dit opdracht waar leerlingen gedichten maken uit dit soort materiaal.

Materialen recyclen
Dit zijn zomaar wat voorbeelden van ‘kosteloos’ materiaal. Er is natuurlijk nog veel meer te bedenken. Melkpakken, Monatoetjes, fietsbanden, Wc-rollen…ga zo maar door. Bedenk wel dat je dit allemaal moet opslaan en dat het voor leerlingen beschikbaar is (systeem).

Gereedschap

Met karton kan je alles maken en het is redelijk makkelijk kosteloos te krijgen. Het de ruggengraat van menig makerspace. We kiezen ervoor om ons budget op te maken aan gereedschap waarmee je goed karton kunt verwerken.

Messen: 15 stuks a €5 = €75
Koop goede (Stanley) messen met een stevig handvat en het liefst een intrekbaar mes. Deze kun je voor zo’n €5 per stuk vinden. Vaak zitten er een aantal reservemessen bij (haal die eruit).

Snijmat A4 15 stuks a €4 = €60
Snijden doe je met een snijmat eronder. Op snijmatten lopen vaak lijnen zodat ze ook als hulpmiddel dienen op rechte stukken te maken. Koop je messen dan zijn snijmatten een must.

Lijmpistool 10 stuks a €5 = €50
Met een lijmpistool kun je snel alles aan elkaar lijmen. Stukken karton zitten zo aan elkaar. Er zijn hele leuke opties op de markt om karton aan elkaar te bevestigen maar deze zijn vaak duur. Lijmpistolen zijn divers en goedkoop in gebruik en aanschaf.

Software

Digitale fabricage is één van de pilaren van de maker movement. Hierdoor is realiseren van je idee bereikbaar geworden voor veel meer mensen, niet alleen voor vakmensen. Daarnaast vindt het fabricageproces plaats in het klaslokaal en vaak ook nog binnen een les. Ons budget laat het niet toe om echte digitale fabricage apparatuur aan te schaffen. Een vinylsnijder begint zo rond de €350 en een lasercutter rond de €3500. Toch kun je al beginnen met de vaardigheid van het digitale ontwerpen. Zeker wanneer je het idee hebt om in de toekomst je makerspace uit te breiden. Met een kleine truc is er toch een beetje aan digitale fabricage te doen. Je moet hiervoor digitaal ontwerpen, dit kan in zowel in 2D als in 3D.

2D
Er zijn talloze manieren om digitaal iets te ontwerpen. Het kan heel simpel al met je tekstverwerker. Apparaten zoals de vinylsnijder een de lasercutter werken met vectoren. Daar is speciale software voor nodig. Ons budget is op. Gelukkig zijn er gratis opties zoals het online vector.com en Inkscape. Beide zijn platform onafhankelijk. Vooral voor Inkscape zijn behoorlijk wat handleidingen te vinden. Hoe kan je dit zonder vinylsnijder/lasercutter toch gebruiken? Laat leerlingen hun ontwerp tekenen in Inkscape, print het ontwerp uit op papier. Gebruik het papier om je ontwerp over te zetten naar karton. Het uitmeten op karton (wat ook een goede vaardigheid is!) is zo niet meer nodig.

3D
Om 3D te ontwerpen heb je ook speciale software nodig. Er is heel veel te vinden. Genoeg voor weer een eigen blogpost. Het online TinkerCAD is een laagdrempelige instap in de wereld van 3D. Ook hiervan zijn veel handleidingen te vinden. Met dezelfde truc als hierboven beschreven kan je ook binnen de €200 makerspace aan 3D-ontwerpen doen. Ontwerp iets in tinkerCAD, importeer het in het eveneens gratis programma 123D MAKE. Kies voor stacked slices waar je voor de hoogte van het materiaal de dikte van je karton neemt. Print uit met een gewone printer.

Dit kost veel tijd een niet alle ontwerpen zullen even goed werken. Basisvormen zoals een bol zijn heel geschikt.

(Tijdens het schrijven maakte Autodesk bekend dat ze stoppen met de 123D apps. Nu is het nog te downloaden en te gebruiken maar begin 2017 stopt het. De functionaliteit van de apps zullen hoogst waarschijnlijk worden ingebouwd in de voor het onderswijs eveneens gratis programma’s van Autodesk.) 

Tijd

Het laatste ingrediënt is tijd. Maken kost tijd. Plan ruim de tijd voor je maakproject, het liefst met aangesloten stukken in plaats van af en toe een uurtje.

Het programmeren sla ik in deze post over al kan dat prima ook gratis met bijvoorbeeld het geweldige Scratch. Programmeren wordt leuker wanneer er ook een fysieke component bij komt. Er gebeurt iets tussen de echte wereld en de fysieke wereld. In de volgende blogpost, een makerspace van €204,30-€2004,30 komen we daar uitgebreid op terug.

En nu?

Er is maar één antwoord! Beginnen! Volg op twitter de hashtags #fablearn en #makered voor een dagelijkse portie inspiratie. Bezoek de website van grote broer, makered.org eens. In de “getting started” afdeling is heel veel te vinden. Nog wat meer inlezen? Download gratis “Meaningful Making: Projects and Inspirations for FabLabs and Makerspaces”. Hierin staan de ervaringen verzamelend van ervaren maakdocenten die allerlei aspecten van het maakonderwijs belichten.

Wanneer je begint, vergeet dan niet te delen. Je bent niet alleen maar onderdeel van een grote internationale gemeenschap!