Kritiek op Maker Education

We zeggen het vaak tegen onze leerlingen: door kritiek word je sterker, beter. En dus verwelkomen we een kritisch stuk. In onze schoot geworpen door Jelmer Evers:

Nancy Bailey is, zo lees ik op haar site,  een schrijver die zich sterk maakt voor Public Schools (de alleen maar door de overheid gefinancierde schoolsoort, tegenhanger van de Charter Schools, die ook privaat worden gefinancierd) en Speciaal Onderwijs. Ze is docent geweest en hoofd van een school en is gepromoveerd op het gebied van Educatief leiderschap.

Het is een zeer kritisch stuk. Ze stelt als eerste vast dat Maken een grote vlucht aan het nemen is in de Verenigde Staten: 1400 scholen in 50 staten bij elkaar een miljoen leerlingen (van de vijftig miljoen). Als ik het goed lees heeft ze vier belangrijke kritiekpunten:

1 We weten niet goed of het werkt, Leren door maken en leertijd is schaars. Maken kan nooit het formele leren vervangen.

But if schools incorporate just making projects, when will students formally study biology, chemistry, physics and other sciences and subjects? What about social studies, civics and P.E?

Ik ken de situatie in de VS natuurlijk niet precies maar dit lijkt me wat overdreven. De Maker Educators uit de VS die ik ken, zullen helemaal niet alles willen vervangen door Maker Education. En wij hier in Nederland al helemaal niet. Zoals ik vaak zeg een schrijf, zoeken we naar de goede plaatsen om Maken een plek gegeven. Formeel leren blijft belangrijk.

2 Iedereen kan Maker Educator worden en dat is niet goed voor de beroepsgroep.

With the Maker Movement, anyone with a craft or skill can be considered a teacher. The Internet is rampant with people excited to share their novel Maker Movement ideas. Credentialing falls by the wayside. Even students can teach other students.

Het is belangrijk, vind ook ik, dat de beroepsgroep beschermd wordt. Niet iedereen is een leraar. Dus dat is een goed punt. Ik zie alleen nog helemaal niet dat dit aan het gebeuren is. Bijna alle Maker Educators die ik ken, hebben een formele Lerarenopleiding gehad in een of ander vak. ook de Amerikaanse. Lijkt me in ieder geval dus nóg niet een probleem. De angst voor een leraar voor een miljoen leerlingen is voor wat betreft Maker Education niet waar, integendeel. Zoals ik ook al zei in de Podcast, kost Maker Education juist heel veel man- en vrouwkracht! Dit lijkt me gezocht.

3 Er is een te grote invloed van marktpartijen op Maker Education

The Maker Movement relies on outside partnerships. This is privatization in action.

De eerste groep die ze noemt, lijkt me ongevaarlijk: de musea. Ik denk dat bijvoorbeeld het Exploratorium in San Francisco en NEMO hier in Nederland ongevaarlijk zijn en zelfs heel goed kunnen ondersteunen. Verder weet ik dat bedrijven inderdaad nare dingen kunnen doen. Dus wellicht is dit in de Verenigde Staten een probleem dat goed in de gaten gehouden moet worden. Het enige voorbeeld van een bedrijf dat met de Maker Movement meegroeit, is Autodesk en die doen echt goede dingen zoals Instructables.com in de lucht houden en software gratis beschikbaar stellen voor leerlingen en fablabs.

4 Er gaat geld van Public Schools naar technologie en Maker Movement producten.

The Maker-Movement has one thing in common—money-making devices and software to fill “Maker Spaces.”

Ik kan niet inschatten of dit echt gebeurt. En op welke schaal en hoe erg dit is. Het is een gerechtvaardigde zorg dat dit niet de eerste prioriteit moet hebben, lijkt me. Maar scholen maken keuzes.

In de samenvatting noemt ze bovenstaande argumenten nog eens. Het lijkt me wat voorbarig om dit zo hard te roepen. Haar laatste zin begint goed maar ontspoort volgens mij volledig, ook in de Amerikaanse context:

Students will never get back the time they had to learn, and their futures and ours could be in jeopardy.

In gevaar? Lijkt me overdreven

Arjan van der Meij

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *