De grote fantast en de hybride kunstenaar

strandbeest09De eerste keer dat ik een Strandbeest zag van Theo Jansen vergeet ik nooit meer. De ietwat groezelige, knarsende pvc-buizen, de “houtje-touwtje” verbindingen maar vooral de onverwachte elegantie als het beest gaat lopen. Zo mooi, zo raar, zo anders dan wat je ooit zag. Bewondering voor de maker en vertedering voor het beest.

boekenDaan Roosegaarde is een ster. Niet alleen schuift hij regelmatig aan bij het hipste programma van Nederland, De Wereld Draait Door, ook in de buitenlandse media (CNN, BBC) doet hij het goed. Hij maakt dan ook zeer aantrekkelijke en frisse installaties. Het Van Gogh fietspad in Nuenen en onlangs Rainbow Station op Amsterdam CS zijn kunstwerken die onderdeel van de leefomgeving zijn. Het fietspad met duizenden steentjes die gloeien in de nacht en gebaseerd is op Starry Night van Van Gogh maakt niet alleen de gebruiker blij maar ook de vele mensen die het hebben bekeken via internet. Twee makers dus die techniek en technologie combineren met kunst, beweging, architectuur, ruimte. Die mooie dingen maken die meer “spreken” dan zich laten bekijken. Twee makers ook die internationaal succes hebben. Voorbeelden voor jonge makers in Nederland ook. Van beiden heb ik een boek gelezen waarin ze zich laten kennen. Mooie boeken die over van alles gaan. Ik ben op zoek gegaan naar wat ik en via mij jullie en vooral de leerlingen kunnen leren van deze twee Nederlandse Makers. De grote fantast (Theo Jansen) en de hybride kunstenaar (Daan Roosegaarde).

Theo Jansen

Aan het einde van het boek “De grote fantast” staat de biografie van Theo Jansen. Er staat daar een grove leugen in:

1975
Stopt met studie en wordt kunstenaar

Kunstenaar worden: ja. Maar stoppen met de studie? Integendeel!

strandlopersAls je de Strandbeesten van Theo Jansen ziet, zou je denken dat die er altijd al geweest zijn. Hun geboorte is echter heel nauwkeurig vast te stellen. Op 24 februari 1990, nu zo’n 25 jaar geleden, schreef Theo Jansen in zijn toenmalige column in de Volkskrant over Strandlopers. Een nog steeds actueel thema ligt aan de geboorte van de strandlopers, later Strandbeesten ten grondslag: bezorgdheid over de zeespiegelstijging. Autonome, hun energie van de wind krijgende beesten van elektriciteitsbuis die zandbergen maken bij de duinen om ons te beschermen tegen het oprukkende water. In het boek De Grote Fantast legt Theo Jansen uit dat de Strandbeesten zijn “omgekeerde herinneringen” zijn. Een paar maanden na zijn column begon hij met de Strandbeesten en nu, 25 jaar later is hij er nog steeds fulltime mee bezig.

1424031584_thumb.jpegHet maakproces wordt in het boek prachtig uitgelegd en is zeer herkenbaar voor mij als maker. Allereerst werd hij geïnspireerd door het boek “The blind watchmaker” van Richard Dawkins waarin deze de evolutietheorie haarfijn uitlegt. Theo wilde graag de evolutie met eigen ogen bekijken en maakte een beest in de computer: de Animaris Lineamentum. Een lijntje dat op vier plekken recht of krom, de ene of de ander kant op kan zijn. Bovendien zat er een scherpe punt aan. De lijnbeestjes liepen willekeurig over het scherm. Kwamen ze met de punt tegen een ander aan, dan stierf deze. Na zestig loopbewegingen plantten de beestje zich voort en recombineerden ze de overgebleven lichaamsdelen. Vanzelfsprekend blijven er steeds meer opgerolde beestjes over: deze ontlopen de scherpe punt het gemakkelijkst. Een ingewikkeld verhaal wellicht maar een prachtige illustratie van de grondigheid waarmee Theo Jansen zijn maakproces doet. En herkenbaar dus. De voorbereidingen duren vaak zeker net zolang als de uiteindelijke uitvoering als je serieus aan het maken, aan het creëeren slaat.

Een ander belangrijk aspect van het maken, het “spelen” komt prachtig tot uiting in de verhalen over “De vliegende schotel.” Theo en vrienden maakten van landbouwplastic en wat pvc-buizen een vliegende schotel die ze vulden met Helium en loslieten aan de rand van Delft. Dit haalde het nationale nieuws! Op de DVD die bij het boek zit, kun je het goed zien: spelen, klooien is belangrijk.

Een mooi citaat, dat ook erg refereert aan wat Roosegaarde zegt, is dit:

Je moet beschikken over het vermogen tot kunnen. Dat is de kunst van het ontsnappen, ontsnappen aan de kramp van het niet kunnen. (…) Het irrationele optimisme biedt uitkomst.

klokkenDaar waar Theo Jansen en Daan Roosegaarde elkaar volledig vinden is in wat Daan Roosegaarde techno poetry noemt. Op zijn allermooist (vind ik) geïllustreerd in de afgedrukte column van Theo Jansen. De columns staan een beetje los van de tekst over de evolutie van de Strandbeesten en maakt dit boek nog leesbaarder. De titel van de column is: “De wekker 23 miljoen jaar vooruit”. In deze column vertelt Theo Jansen dat hij op bezoek is bij een kennis die binnenkort gaat overlijden. Deze kennis, ook een kunstenaar maakte o.a. films en zijn wens was dat zijn films over 25 jaar weer zouden worden gedraaid. De aanwezigen waaronder Jansen speculeerden wat over systemen om dit voor elkaar te krijgen. Uiteindelijk werd de oplossing gevonden. Een aantal op elkaar gestapelde ouderwetse schakelklokken. Van die klokken met die pinnetjes die ervoor zorgen dat er slechts een korte tijd spanning staat op een stopcontact. Wanneer je elke schakelklok zo instelt dat hij een kwartiertje per 24 uur “aanstaat” en ze dan stapelt, kun je eenvoudig uitrekenen dat de tweede klok slechts een keer in de 96 dagen een kwartiertje vooruitgaat, de derde bij 96×96 dagen etc. Ik vind dat heel erg ontroerend en een helder voorbeeld van “Techno Poetry”

pootstrandbeestDe loopbeweging van de Strandbeesten is een lange zoektocht geweest van Jansen naar de beste configuratie van stangetjes. Uiteindelijk heeft hij via trial and error maar vooral m.b.v. een computerprogramma de ideale configuratie gevonden die een nette loopbeweging maakt (vlak als hij zich voortduwt, hoog en krom als hij zijn voet optilt). Mooi is ook hoe hij vertelt over het heen en weer bewegen tussen de computer en de natuur. Goed kijken naar de natuur leverde bijvoorbeeld de notie op dat de tijd die de voet in de lucht doorbrengt zo kort mogelijk moet zijn: dat doen dieren ook.

De verhalen over zijn falen zijn ook zeer inzichtelijk. Door het zelfgekozen isolement ontdekte hij bepaalde zaken als het gemak van een heteluchtbrander pas na een paar jaar. kniptangZeer herkenbaar voor een maker. Instrumenten en met name de juiste, zijn zeer belangrijk. Theo Jansen heeft wat afgezaagd met een ijzerzaagje totdat hij de kniptang, speciaal voor pvc ontdekte.

En dan staat er achteloos een foto in het boek van Theo Jansen voor de “Schildermachine”. Een intrigerend beeld. Een portret van twee muzikanten, een houten frame en heel veel draden aan het frame. Zeer intrigerend voor mij, dus ik ga verder op zoek en kom (leve Google) een artikel tegen uit het tijdschrift OASE, tijdschrift voor architectuur uit oktober 1985 waarin het werk en de werkwijze van Theo Jansen worden besproken. Technoporno! Geweldig! Een citaat:

schildermachineDe hoeveelheid verf die de muur (of het erop gespannen doek) bereikt wordt op een ingenieuze wijze gedoseerd. Aan de verfspuit is een buisje met een lens bevestigd: het ‘oog’. Het daarin vallende licht wordt met behulp van een foto-elektrische cel en een versterker omgezet in een signaal. Dit signaal bedient een luidspreker. Voor de verfspuit bevindt zich een diafragma dat bestaat uit twee klepjes die met armpjes aan de conus van de luidspreker  zijn verbonden. Doordat de conus naar voren en naar achteren beweegt, evenredig met de hoeveelheid licht die op de foto-elektrische cel valt, gaat het diafragma (meer) open of dicht. Zo wordt de intensiteit van de grijstoon op de muur (of het doek) gereguleerd. Het schilderen gaat nu als volgt: het wagentje waaraan de verfspuit met het oog is opgehangen, rijdt heen en weer; de spuit trekt lijnen van steeds één centimeter breedte onder elkaar.

Klik hier voor het volledige artikel (pdf, 4MB). O 9–10 – 51 Een lineaire wereld.

De evolutie van de Strandbeesten wordt buitengewoon nauwkeurig uit de doeken gedaan en af en toe neemt Theo Jansen wat meet afstand om te spreken over het proces. En als hij dat doet, dan beschrijft hij zeer mooi hoe een maker in hart en nieren zich voelt. Een lang citaat:

Ondanks alle terugkerende teleurstellingen, werkte ik met groot plezier. Ik was onevenredig blij met de kleine successen. Kennelijk was ik er niet zozeer op uit om de dingen te laten werken, maar om te leren. (…) Het waren deelproblemen, die stuk voor stuk moesten worden aangepakt.

plankEen uitstapje naar een ander materiaal, hout ipv pvc, noemt Jansen “een periode van ontrouw”. Het is tegelijkertijd een ode aan goedkoop materiaal dat ruim voorhanden is: pallethout. Mooie beesten heeft deze periode opgeleverd, zoals de Animaris Rhinoceros, die hiernaast staat afgebeeld. En ook stromen er weer fantastische originele gedachten naar boven bij Jansen zoals de notie dat een paard de eerste vorm van bekrachtiging is zoals we nu stuurbekrachtiging kennen. Een paard is “beenbekrachtiging.”

flipflopDe beschrijving van de evolutie van de strandbeesten daarna is fascinerend. Er worden spieren ontwikkeld, zenuwcellen, geheugen, zintuigen, stappentellers zelfs en de peristaltische beweging wordt uitgeprobeerd. Er wordt gerekend aan bewegingen, geëxperimenteerd met petflessen (die onder hoge druk kunnen exploderen zo bleek eens) , er worden prototypes gemaakt, er is frustratie vanwege voortdurend lekken, er is euforie als er op een eenvoudige wijze een moeilijk probleem wordt opgelost, kortom, er wordt met veel plezier hard gewerkt. Ook wordt er gekeken naar de wereld van de elektronica, zoals blijkt uit een pagina uit het logboek dat je hiernaast ziet staan.

Laatste zin uit “De grote fantast”:

We gaan een prachtige tijd tegemoet.

 

Daan Roosegaarde

Don’t copy paste but copy morph

Het boek “Interactive landscapes” draagt wel Daan Rosegaardes naam maar is vooral door anderen volgeschreven. Wellicht geeft dit ook goed het verschil aan tussen Roosegaarde en Jansen. Roosegaarde is een moderne maker die vooral met zijn werk en zijn organisatie bezig is en minder met het kalm documenteren. Het is dus wel wat lastiger om in de kunstenaarsziel van Daan Roosegaarde te kijken, die zichzelf “hybride kunstenaar” noemt. Bovendien is Roosegaarde ook CEO van Studio Roosegaarde. In zijn studio werken zo’n vijftig mensen..

Daan Roosegaardes werk is enorm aantrekkelijk. Zijn “Dune”, waar je langsloopt en de uiteinden van de halmen geven licht, zorgt voor vrolijkheid en interactie bij de bezoekers; onlangs nog in Davos bij het World Economic Forum.

De kunstwerken die Roosegaarde maakt, hebben een ziel. En Roosegaardes partner, Peter de Man, die vanaf het begin het programmeren voor zijn rekening heet genomen is “code”,  oftewel de programmeertaal, niet slechts een opsomming van regels onbegrijpelijke tekst maar

an eloquent means of granting an otherwise inanimate installation it’s own “soul”.

De combinatie dus van hardware en software maakt de werken van Roosegaarde zo spannend en echt. Hij zegt zelf dat het maken hem maakt. Hij heeft een idee, een emotie en uiteindelijk probeert hij dat te materialiseren. En dat definieert hem. Vanaf zijn vroegste jeugd was hij een maker. In Nieuwkoop, waar hij opgegroeid is, maakte hij wielen onder meubels en reed daarmee de dijken af. Roosegaarde koos voor een opleiding aan de Artez Hogeschool voor de Kunsten en sloeg daar meteen aan het maken. Zijn eerste grote werk was “22 Beds” een installatie van 22 bedspiralen.

22beds

Hij zegt daarover in een interview dat het een echt gevecht was, werken met de spiralen: hij maakt dingen graag met zijn blote handen, hoewel dat hij dat heden ten dage dat steeds minder doet.

Een kunstwerk van Daan Roosegaarde kent vaak vele versies. Zo is Dune tegenwoordig toe aan versie 4.2. Elke keer als Dune weer terugkomt op het thuishonk in Waddinxveen wordt het verbeterd. Zo werd Dune eerst in zijn geheel aangedreven door een Windows computer en is hij nu modulair opgebouwd zodat hij in grote en kleine gedeeltes kan worden vervoerd en aangezet. Verder wordt het heden ten dage aangedreven door een zelf ontwikkelde specifieke microchip, die dus alleen maar doet wat hij moet doen en dat veel energiezuiniger (slechts 1 W per meter!) en sneller doet.

Een aantal werken van Roosegaarde

Flow Dit werk is gemaakt in 2007 en werd als eerste getoond in het stadhuis van Den Haag (het IJspaleis). Honderden ventilatoren aaneengeschakeld die gaan draaien als je in de buurt komt en daardoor verschillende doorkijkjes geven.

Het mooie aan Flow, vind ik, is dat het zijn werking zo goed laat zien. Bij Dune, zie je de LED lampjes niet. Hier is het What You See is What You Get. Een samenspel van geluid, beweging en licht. En bovendien makkelijk te begrijpen en wellicht zelfs op door te borduren door een maker.

sdfSustainable Dance Floor Duurzaamheid is een thema dat Roosegaarde bezighoudt. Deze vloer oogst de kinetische enige die door de dansers wordt gegenereerd en zet dit om in elektrische energie die weer door de DJ gebruikt kan worden om zijn of haar plaatjes te draaien. Wat verder een hele slimme toevoeging aan dit al geweldige concept is, is dat op de plek waar de meeste energie wordt ontwikkeld de vloer groen kleurt. Dit voegt een game-element toe aan deze vloer die hem afmaakt!

Intamicy Een vreemde eend in de bijt en juist daarom wellicht een echte Roosegaarde. Op het snijvlak van technologie, kunst en mode en ook in de Makerswereld een booming onderwerp: wearables, oftewel, technologie die je kunt dragen. Als nuttig sieraad (denk aan de Apple Watch of de Pebble, een van de meest succesvolle crowdfunding projecten ooit), kleding met LEDjes, sportarmbanden om je prestaties te meten, etc.

Dit werk is een jurk. Een jurk gemaakt van speciaal materiaal, e-foil genaamd dat in verbinding staat met een aantal sensoren. De e-foil is een soort lcd-display dat transparant kan worden door er een spanning op te zetten. Wanneer iemand dichterbij komt of wanneer de draagster opgewonden raakt kan de jurk transparanter worden zodat je er op het laatst helemaal doorheen kan kijken.

Smart Highway Een zeer succesvolle en tot de verbeelding sprekend project is de Smart Highway. Een verzamelnaam voor allerlei ideeën rondom het beter benutten van die enorme lappen wegdek. Zo bestaat er al een weg die belijning heeft die overdag oplaadt en ’s nachts het licht weer uitzendt, zijn er plannen om verlichting boven de snelweg alleen aan te doen als er een auto voorbij komt, wegen met symbolen die gaan opgloeien als de weg glad is, een rijbaan die door inductie elektrische auto’s kunnen opladen terwijl ze door blijven rijden en onlangs geopend een fietspad met in de nacht oplichtende patronen gebaseerd op het schilderij Starry Nights van Van Gogh in Nuenen. Nieuwe materialen, slimme technologieën, fantastische ideeën en ook techno poetry, zoals Roosegaarde dat zelf noemt.

 

Rolmodellen

Schermafbeelding 2015-02-19 om 22.20.01
Daan Roosegaarde en Koningin Maxima in Davos bij het World Economic Forum

Zowel Daan Roosegaarde als Theo Jansen zijn rolmodellen voor leerlingen die makers willen worden. Zo ziet Victor, leerling van V5 zichzelf wel de nieuwe Daan Roosegaarde worden en ken ik geen leerling die de Strandbeesten van Theo Jansen niet gaaf vindt. Theo Jansen is natuurlijk meer de scharrelaar, de houtje/touwtje maker die niet supernetjes werkt, die oude spullen hergebruikt (als genen, zegt hij zelf) en zwoegend door het mulle zand ploetert. Vergis je echter niet: om die soms enorme beesten soepel te laten lopen, is er veel precisie nodig in de verbindingen. En het gebruik van de computer vanaf het allereerste begin van het ontwerp is behoorlijk geavanceerd. Daan Roosegaarde is veel meer een “glamourboy” van het maken. In de goede zin van het woord want hij vertelt dat hij tot voor kort alles zelf maakte en daarbij behoorlijk aan het zwoegen was. En juist het “stardom” van Roosegaarde, het feit dat hij bevriend is met het koningspaar dat hij TED talks doet (heeft Jansen ook gedaan trouwens), dat hij mag aanschuiven bij het World Economic Forum tussen de wereldleiders, juist dat allemaal maakt hem een fantastisch rolmodel voor leerlingen die erover denken met Maken hun brood te gaan verdienen. Je kunt een ster worden!

theoslependDe manier van werken is voor beide kunstenaars anders. Theo Jansen werkt in zijn eentje in een tochtig atelier, Daan Roosegaarde heeft een team van meer dan vijftig mensen die Studio Roosegaarde vormen. Dat je pas na jaren erachter komt dat er een kniptang is voor pvc, zoals Jansen overkwam, dat zal Roosegaarde nooit overkomen: met zoveel denkkracht en verschillende invalshoeken in een bedrijf is dat vrijwel onmogelijk en ook zeer onwenselijk: efficiency speelt dan natuurlijk een grote rol: het is een bedrijf dat wellicht aan het begin het salaris van de medewerkers in pizza’s betaalde maar dat zal nu zeker niet meer het geval zijn: met pizza’s kun je geen hypotheken betalen. Waar Jansen alles alleen doet, van programmeren tot bouwen, tot inkopen doen tot testen, tot het regelen van vervoer, heeft Roosegaarde voor elke taak een ander.  Maar ook past uitstekend binnen het kader van Maker Education. Sommige leerlingen werken graag alleen en doen alles zelf: anderen werken graag samen en verdelen de taken. En binnen onze eigen FABklas zie je ook specialismen ontstaan: goede programmeurs wordt gevraagd mee te denken en te schrijven en slimme knutselaars delen hun inzichten ook graag.

Wanneer je kijkt naar de twee heren als ze vertellen wat ze doen, dan zie je het plezier en de energie er vanaf spatten. Kijk maar hieronder (langere filmpjes maar de moeite waard)

Deze energie, dit enthousiasme is iets wat wij meestal zien als we naar de leerlingen kijken die aan het knutselen of maken zijn. En niet alleen bij leerlingen. We geven nog wel eens een workshop waarin er altijd iets gemaakt moet worden en vaak horen we achteraf terug dat de deelnemers het zo lekker vonden, zo fijn om weer eens met hun handen bezig te zijn. Ik heb directeuren van grote instellingen, duurbetaalde adviseurs en vermoeide schoolleiders fanatiek gebogen over hun maaksel zien staan, nauwelijks bewust van hun omgeving. We komen er steeds meer achter dat maken, creëren dit doet met mensen, met leerlingen. Een mengeling van opwinding, fanatisme, trots zijn als het lukt, vastberaden doorgaan als het mislukt, zeer geconcentreerd bezig zijn, monomaan welhaast is als beschouwer, als betrokken docent heel gaaf om te zien en werkt meestal aanstekelijk op de leerlingen/deelnemers die wat gereserveerder zijn. Wat een heel gaaf bijeffect is, is dat we soms ook terugkrijgen bij workshops dat het je soms terugbrengt naar die fijne knutselmomenten in je jeugd.

imageAls laatste zijn de kunstwerken van Theo Jansen en Daan Roosegaarde ook nog eens directe voorbeelden van wat je kunt maken. Met name Theo Jansen is in The Maker Movement een grote naam. Hij stond in de Make (hét tijdschrift voor Makers), zijn werk is zeer populair op Shapeways, de betaalde online 3D print service (link), op Thingiverse, de gratis 3D downloadsite (link), op dé site voor makers, Instructables (link) en er is nu zelfs een LEGO Idea, waar je kunt stemmen om er een officiële LEGO-doos van te maken. DOE DAT! KLIK HIER! Van Roosegaarde is (nog) niets te vinden behalve op Shapeweays een 3D-beeld van Daan zelf. Wellicht laat zich dat verklaren door het feit dat de werken van Daan Roosegaarde soms wat monumentaal zijn. Overigens is er bij ons wel een leerling die, geïnspireerd door The Sustainable Dancefloor een schoen aan het ontwerpen is die energie opwekt op dezelfde manier.

Theo Jansen, Daan Roosegaarde. Twee Nederlandse makers die makers over de hele wereld inspireren. Die eigenzinnig, gebruik makend van alle beschikbare technologie die nodig is, verhalen vertellen, onderzoek doen, mensen verrassen en nieuwe generaties makers de ogen doen openen. De een misschien wat meer old school en de andere wat hipper maar beiden met vuur in hun ogen en met heel veel plezier. De grote fantast en de hybride kunstenaar.

Arjan van der Meij

Arjan is vooral docent natuurkunde. Ook heeft hij een paar jaar geleden 
zijn dysbricolikaart moeten inleveren en durft hij zich maker te noemen. 
Tegenwoordig maakt hij zich bijzonder druk. 
Alle leerlingen moeten makers kunnen worden. Dat is zijn doel.

Hij zou graag een inspiratieboek voor Maker Educators schrijven.
Een interview met Theo Jansen en Daan Roosegaarde zou dit boek afmaken.

One thought on “De grote fantast en de hybride kunstenaar

  1. Met interesse heb ik het Delfts ufo-filmpje bekeken.

    Begrijp ik goed dat er bij de aanleg van de Delftse spoortunnel ook verrassende objecten tevoorschijn zijn gekomen?

    Vriendelijke groet,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *